| |
SPRAAKWATER (Gedicht uit 1989)
Wat sprak ik veel.
Wat dronk ik gaarne uit die beker.
Peter BeterWeter, zondenpreker,
'k Liet weinig heel.
Voor mijzelf was ik ook niet zacht.
Thuis werd heel veel afgedacht,
vaak voor de spiegel, in een mengeling van ijdelheid en pijn.
Wie zou ik zonder dat gezicht toch kunnen zijn?
Het voelt als een verademing
om dat smoel eens dicht te doen,
de lippen voor geen ander ding vaneen dan voor een zoen
of voor als ik zing. Mummel, mummel. Hoei, hoei.
MEDITATIE (Gedicht
uit 1985)
Ik zit.
Ineens kwaakt daar een kikker.
Haast maakt hij mij aan 't schrikken.
Ik ontwaak uit mijn verstillen.
Knetterend kraakt zijn kruitloos vuurwerk in mijn bijna dode oren.
Niet eerder voelde ik
de lol zo sterk
om zulk vitaal en vrij verstoren.
Durfde ik zelf toch ooit eens gillen in een kerk!
ZO GRAAG (Gedicht
uit 1987)
Alleen van ver heb ik haar eens
gevoeld, te kort.
Altijd ben 'k benieuwd gebleven naar haar diepste doel.
Ze kwam voorbij gedreven,
een lelie, ontworteld
en in een onbekende
stroom gestort.
Vond ze ooit een stille grond
en ook weer rust?
In die vraag voel ik
mijn eigen vaart
en toch ook het trillen
van mijn mond
die haar zo graag toen had gekust
maar veel te druk was met gepraat.
FEEKS (Gedicht
uit 1989)
O feeks.
Nu 'k je rechtstreeks bemin,
vloeit jouw vuur mijn hart weer in.
Een bittere pijn schroeit mijn zin plots dicht
en licht het deksel van een doodgezwegen put.
Daaronder schreit een kind
een lint van duizend droog gebleven tranen
om al zijn schrijnende, afgedwongen wanen.
Ik dacht een man te zijn
maar vind een jongen
die zijn kleine hartje stut.
Jouw heksenkracht test onverwacht
mijn volle mannenmoederhart.
Jouw brouwsel loutert niettemin mijn smart
hoe pijnlijk ook het mijn jeugd
hier bracht.
WAT BLIJFT? (Gedicht uit 2004)
"De schoonheid van je
oorschelp."
Help. Dat schrijf ik, maar deze burgervroomheidstekens beschrijven
nooit mijn torenhoge droom,
mijn teugelloze stroom van voelen.
O, onbedoelde, bandeloze woorden,
ontsnappend uit gestoorde oorden
in mijn gemoed.
Te vlug, te zeer, te veel.
Ik voel de letters nu
verdampen
in mijn keel,
zoals water uit mijn stervend bloed.
Wat blijft er echt? Wat blijft?
Slechts het voelend feit, dat ik ontroerd raak door jouw lijf.
Zo sterk, zo rond, die zachtheid van je weke, blije mond.
OUDER & WIJZER (Gedicht uit 2004)
De getijden in mijn leven verglijden
in een meestal fel, gedreven streven,
knap gecombineerd met lijden.
Ik moet namelijk van alles
en perfect.
Precies daar komen waar ik wil. Ach, ach...
Mijn dromen in de stille nacht
worden goddank
niet vooraf doordacht.
Zo voel ik soms dus onverwacht
de beide zijden van de tijd:
het denkend doel en anderzijds
de vrede van de tijdloosheid.
Dan en daar vraag ík
niet
hoe en niet waarom.
Je hoeft niet meer te doen dan goed te kijken.
Al dat meten en vergelijken,
't is dom en flauwekul.
De ene mens die wordt beroemd,
de ander blijft een stille nul.
Tja. De ene klok die tikt,
en de andere die zoemt.
This is it! Iets Beweegt
Van Hier Naar Daar.
'God.' Hoe raar.
Hoe mooi. Hoe waar.
FUNCTIE (Gedicht uit 2004)
Kijk! Nieuw leven in
die bijna dooie boom.
In zijn holte woont een vogelpaar
Van ver wordt de berk zich weer
zijn nut en werk gewaar.
't Is mei en op het allerprilste
tsjilpgeluid
stelt hij zijn val nog even uit.
En de wind zingt in die dunne,
dorre takken van
die bijna dooie boom:
"Home, Sweet Home, Sweet Home."
GEEF GEEN AIDS
(Vertaalde songtekst uit 1986:
"Don't give a dose to the one you love most." (Shel Silverstein)
Geef geen sief aan je hartedief.
Een kuur is vrij duur
voor jou en je lief.
Die spuit brengt geheid
geen enkel gerief.
Geef geen sief aan je
hartehartedief.
Het doet zeer, zo'n zweer.
Het jeukt als je neukt.
Het brandt en het sist,
als j' in de pot hebt gepist.
Je voelt je betrapt,
als je eventjes krabt.
Je bent getast in je kruis,
maar door iets ergers dan luis.
Vrijen is leuk,
maar de kick van 't geneuk
staat flink op de tocht
in steeds kwaaiere reuk.
Een platje of herpes,
dat is niet zo'n punt
als sief of een druiper
en 't had nog erger gekund!
WANT!
Geef geen AIDS
aan je vriend of vriendin.
Steek 'em zonder condoom
nergens meer in.
Het einde is zeker, a
l had je lol in 't begin.
DE MORAAL:
Maakt de angst voor de dood
je leuter onklaar,
pak dan zo'n rubber,
al voelt dat steeds raar.
't Is beter dan spijt op een ziekenhuisbrancard.
HOEWEL!
' t Geeft allemaal niets,
als je houdt van elkaar!
HAAGSE TRAMTUNNEL
(Gedicht uit 2004)
Ondergronds beproefd,
boven herboren:
licht aan ieder eind.
Kijk hoe je er in en er uit verdwijnt,
van achteren en van voren.
Hoor hoe hij zoeft!
Voel hoe hij trilt.
Hij leeft
en dat heeft iedereen gewild!
VERLEDEN, HEDEN EN DAN?
(Gedicht uit 2007)
Als een woestijn die
wacht op water,
een dode stoomboot
aan een droge kaai,
ben ik.
Elke klok tikt door naar later,
maar vals val ik
naar vroeger,
wegwaaiend blad van dorre bomen. Wroeging en berouw,
jawel, het staat er.
Die woorden zijn helaas
te laat gekomen,
ik heb nou een stok gezocht
om mezelf te slaan.
Hoewel geen lelijk eendje meer,
en meer een zwaan,
treft men mij niet langer onderduikend aan, spelevarend,
altijd klaterend gedol,
en meestal vrolijk vaag.
Over met dat loos gezwem.
Ik ben oud genoeg, een arend,
en ik betaal de tol. Vandaag.
Vannacht was ik mijn zieltje wit.
En dan? En morgen?
Dan niks. Eerst maar dit.
FOUTJE
(Gedicht uit 2008)
Door onze handen glijdt de tijd, terwijl we prioriteiten wegen.
Ik kan daar niet altijd tegen,
al wil 'k niet klagen over het respijt dat bij het volbrengen van
Het Grote Iets me wordt gegeven.
Toch zijn er dagen dat ik Iets Anders had moeten doen of weten.
Zoals eergisteren toen ik jouw verjaardag ben vergeten!
VERGANKELIJKHEID
(Gedicht uit 2006)
Lente leert ons ruiken en je ogen kijken honderduit.
De kersenbloesem
raakt mij het meest, de explosie
als die dan uit haar knoppen spuit.
Insecten vliegen aan in horden.
Toch, rozerood
is straks het gras,
als de wind haar voortgang stuit.
Ik weet: zij is alleen
van vorm veranderd, niet dood, maar gek,
ik voel verlies.
Dat genietend feest
van seks is weer gewoon voortplanting
geworden.
ALLES VOOR HAAR
(Gedicht uit 2008)
Ik scheer mijn aars voor haar
en zelfs mijn billen,
Mijn kop ook kaal,
zou zij dat liever willen.
Ik cultiveer mijn tors,
zet een tattoo,
Als zij maar even wil
dat ik dat doe.
Ik haal pizza's in de harde
regen.
Heus, mijn lief, ik kan er tegen.
Vlieg naar de chinees
op haar bevel,:
"Nee schat, nee schat,
ik doe het wel.
Nooit en niets is mij teveel,
Ik lieg voor haar, ik steel.
Ik spuit slagroom op haar deel,
Lik me de krampen in mijn keel.
Vanochtend noemde zij me soft,
een watje.
Omdat 'k haar poesje noem
in plaats van katje.
Ze vindt mij sukkelig,
ik word nooit een vent,
Droef.
Ze is te lang mijn liefde al gewend.
IK WIL UW TOILETPOT ZIJN
(Gedicht uit 2010)
In uw drift stuurt u mij
een boos bericht:
U wilt toiletteren
en wel op mijn gezicht.
O, uw beeldenbrij beroert mij zeer.
Meld mij toch details en meer!
Uw blijde pottenpraat doet mij
geen kwaad maar deugd.
Dat idee van uw vlezigheid
boven mijn mond geeft vreugd!
Dat ik daar lig en u, oeh,
boven op mijn kop ontlast,
en ingelukkig poept en plast,
poeh!
Ik kijk dan in uw natte gat,
o jee
en verwerk uw goddelijk gele zee.
Ah! Schijt rustig al uw diarree,
mij heeft daar niemand nog meer mee.
Volop bevredigd, 't is goed en fijn.
Ik besta onschuldig wit en rond
en schuim van uw ontsloten,
bolle kont!
Spuit uw pis, het wordt mijn
lafenis.
Kak uw kak, mijn lievelingsdis.
Geef het maar allemaal aan mij,
Deez' overgave maakt mij vrij!
Met een Scheet van Peet
WEGHAIKU
Voetsporen.
Niet de weg zelf.
Wel een idee van richting
voor wie verloren was.
WODKA
Ingehouden, ingetoomd,
zo duizend jaren.
Al dat klein en miezerig vertrouwen afgeroomd
in bange, lauwe dagen.
Veel langer
kan ik dit niet meer verdragen.
Na al die levenslange stenenbijterij
verruimt mij nu de slijterij.
Nu laten tranenmistig mijn doorgaans droge ogen
zien, wie binnenin ik ben.
De rem is los!
Ik drink wodka en eet haring.
Ik smul de peterselie uit de sla
en mijn lul verlangt zò
naar een paring.
Ach, ik eet en drink en
kees maar weet
dat lang dit geen troost
meer wezen zal.
Ik moet mijzelf nu destilleren
uit het Al.
ALTERNATIEF
Er is geen weg.
Er is geen zelf.
Geen idee van richting.
Niemand is ooit verloren geweest,
noch kan men iets verliezen,
dat er nooit was.
|
|
Ik heb in de afgelopen 30 jaar geschreven voor alle New Age magazines.
Bij elkaar zo'n zeventig, tachtig artikelen en interviews. Op deze
pagina vind je 8 artikelen, waarvan ik zelf het idee heb dat ze een
aardig tijdloze waarde hebben. Ze komen uit Bres, Prana, Jonas
en Onkruid.
Eerst het verhaal over de buitenaardse
expeditities in het prehistorische Mesopotamie (het Irak van nu!),
daarna zeven andere artikelen.
Dat betreft in deze volgorde dus:
1. Het
Boek Genesis in spijkerschrift
2. De Uitverkorenen (over
de relatie met dubieuze goeroes)
3. De 81e Tarotkaart
(over het gevaar van orakelen
en het nut van een extra waarschuwingskaart)
4. Tantrische Seks
(ervaringen in India met Margo Anand)
5. Loutering in het Manicheische Christendom
(over het nuttig samenwerken
van goed en kwaad)
6. De Idoolhof (over
de relatie van goeroes met kwetsbare discipelen)
7. Herpes? Zeur niet!:
leren leven met een levenslange infectie
8. Werken met familieopstellingen

1. Het Boek Genesis in spijkerschrift
(artikel in het tijdschrift BRES, 2000)
De aandacht van de zonen der goden voor de dochters der mensen.
De
ontcijfering van duizenden Mesopotamische kleitabletten uit 3800
v. C. leest als een autobiografie van ruimtevaarders, afkomstig van
een 'twaalfde' planeet. Deze zonen der goden kolonialiseerden de oude
aarde en namen de dochters der mensen tot vrouw. De genen van deze
astronauten creëerden de denkende mens, de Homo Sapiens. En ze
komen straks terug van weg geweest! De Amerikaanse Sumeroloog
en schrijver Zecharia Sitchin is één van de weinige
geleerden die in staat is het zogeheten cuneiform te ontcijferen.
Dit is het schrift dat werd aangetroffen op duizenden kleitabletten
uit de Mesopotamische cultuur van 3800 v. C. Ze werden in 1900 in
Irak gevonden. Zijn eerste boek hierover, The twelfth planet, werd bij verschijning in 1976 (in Amerika) al een briljante combinatie
genoemd van geschiedkundige, archeologische, astronomische, mythologische
en Bijbelse informatie. Zijn conclusies verbijsteren nog steeds. Sitchin
vertaalde uit het spijkerschrift de informatie dat er een twaalfde
planeet in ons zonnestelsel beweegt, die elke 3600 jaar in onze buurt
komt. Zelf noemden diens bewoners hun planeet ‘Mardoek’,
Mesopotamische geleerden gebruikten later de naam Niburu. Deze ruimtevaarders
wippen sinds 450.000 jaar tijdens zo'n periode een tijdlang over om
wat rijkdommen van onze aarde te exporteren. In Mesopotamië vestigden
ze zodoende een grote ruimtehaven om olie te tanken. Verder haalden
ze goud uit Zuid- en later Oost-Afrika, dat ze nodig hadden voor klimaatbeheersende
installaties op hun moederplaneet. De Mesopotamische priesters beschreven
op hun kleitabletten uitgebreid de godenhiërarchie, die aanvankelijk
alleen uit mannen bestond. Het hoofd van de godenfamilie was
An (of Anoe in de Babylonisch-Assyrische teksten). De portalen van
zijn paleis in de Hof van Eden, ergens in de buurt van Mesopotamië,
werden bewaakt door een god van 'de boom der waarheid' (waarschijnlijk
Anoe's eerste zoon Enlil) en een god van 'de boom des levens' (waarschijnlijk
Anoe's tweede zoon Enki, ook wel Ea genoemd). Deze en talloze andere
elementen herinneren ons direct aan de beschrijving van het paradijs
in het recentere Oude Testament. Tijdens grote crises daalde Anoe
zelf af naar de aarde, maar ook om bijvoorbeeld zijn achterkleindochter,
de lokaal vereerde godin Inanna (Isjstar), tot zijn gemalin te maken.
Wat zijn eerdere echtgenote Antoe daar van vond, lezen we helaas niet.
Deze goden werden, ook nog in het Oude Testament, aangeduid met
Nefilim, dat vaak -als zijnde Hebreeuws- wordt vertaald met reuzen:
'Toen de reuzen nog op aarde waren.' Dat is op zich mysterieus maar
onjuist. Sitchin stelt echter dat het woord komt van de Soemerische
taalvorm NFL, dat 'op de aarde geworpenen' betekent. Toen deze
astronauten de zaken groter wilden aanpakken, hadden ze werkkrachten
nodig in hun raffinaderijen, mijnen en delfplaatsen. Daarom kruisten
ze mogelijk, waarschijnlijk zo'n 40.000 jaar geleden, hun eigen genen
met die van de lokale aapachtige Cro Magnonmens. Die informatie komt
overeen met modern onderzoek dat het DNA van de huidige westerse mens
allemaal terug kan voeren op een voormoeder Eva die 40.000 jaar geleden
plotseling in Zimbabwe verscheen! Het product van dit weloverwogen
buitenaardse experiment was aanvankelijk een steriel, hybride wezen,
een soort menselijke muilezel. Als een groot geschenk gaven de
Goden deze mensen, de Homo Sapiens, uiteindelijk wel het vermogen
om zich te kunnen voortplanten. Dit verhaal kennen we uit Genesis,
waar Adam en Eva zich pas van hun seksualiteit bewust werden, nadat
ze in de Hof van Eden (Mesopotamië) van de boom van kennis
gegeten hadden. De slang, symbool van vrouwelijke wijsheid, raadde
hen aan zich te verzetten tegen de behoudzucht van hun dominante mannelijke
god (waarschijnlijk Enlil). "Gaat heen en vermenigvuldigt u," werd
toen aan de eerste echte mensen opgedragen, maar helemaal van harte
liet die God zijn speeltje niet gaan. Deze eerste mens aanbad vanzelfsprekend
zijn onbeschrijfelijk machtige Goden, die hij met raketten uit de
hemel zag afdalen en was hun volkomen dienstbaar. Dankzij hun eerdere
genetische ingrepen konden die Nefilim tienduizenden jaar later ook
vruchtbare seksuele verbindingen met aardse vrouwen aangaan.
Daaruit ontwikkelde zich weer een ander soort mens. Zo ontstonden
de eerste families van halfgoden. De verwanten raakten niet zelden
bitter verdeeld over opvolging in de verschillende koninkrijken, voorrechten,
landverdeling of het vertier met elkaars vrouwen. Zo kon het gebeuren
dat bepaalde goden heftig jaloers werden als groepen stervelingen
ineens andere 'goden' gingen aanbidden. Onderling bleken verschillende
groepen astronauten ook regelmatig op de vuist te gaan. Hun conflicten
vinden we in talloze heilige mythen terug, vergelijkbaar beschreven
in Vedische, Egyptische, Babylonische en Griekse bronnen. Na de zondvloeden
die zo'n twaalfduizend jaar geleden een groot deel van de bewoonde
gebieden overspoelden, werden sommige uitverkoren mensen gered.
Volgens moderne geologen was dat waarschijnlijk het gevolg van het
in zee storten (bij de Bermuda's) van een enorme komeet. Dat zou ook
de ondergang van Atlantis kunnen hebben veroorzaakt. De Soemeriërs
wijzen als oorzaak van die ramp de boosheid van Enlil aan, die kennelijk
veel macht over het weer had. Gelukkig was zijn broer Enki prettiger
begaan met de mensheid. Hij was degene die immers ook een sleutelrol
had in het schèppen van de mens. Het was natuurlijk Enki,
die de rol van slang speelde in de Hof van Eden! Hij zag zijn creatie
niet graag door zijn superbroer Enlil vernietigd. Om die reden redde
hij Noach, mogelijk ook andere mensen in andere delen van de
wereld. Na de ruzie tussen de broers trok hun vader Anoe zich terug
in de hemel. De winnende broer Enlil kreeg voortaan de bronnen van
het land te beheren en Enki moest zich tevreden stellen met de oceanen
en de scheepvaart organiseren. Dat was kennelijk toch een profijtelijk
handelsproject want Enki haalde van over de hele wereld voortaan kostbare
metalen en halfedelstenen naar hun exportstation in Soemerië.
De culturele ontwikkeling van de overgebleven mensen gaat tussen 11.000
v. C. tot 4.000 v. C. heel langzaam. De buitenaardse goden zijn dan
ook wat uit het zicht geraakt, hoewel ze nog wel overal aanbeden worden.
Maar als hun planeet Mardoek weer langs wentelt, komen de goden
terug. Ze scheppen vier 'gewesten.' Mesopotamië, het Nijldal
en de Indusvallei werden in die volgorde door de goddelijke heren
tot exploitatie gebracht (respectievelijk rond 3800 v.C.,3000 v.C.en
2800 v.C. ). Het vierde gewest werd heilig en verboden gebied
verklaard, Tilmoen genaamd. Daar vestigden de Nefilim namelijk hun
nieuwe ruimtebasis. Het beroemde Gilgamesjepos beschrijft
een verhaal van een koninklijke afstammeling van de reuzen, die toch
afreist naar de verboden basis van zijn voorouders in dat gebied.
Waarschijnlijk is dit het geboortegebied van de Ariërs geweest,
nomadische stammen die hun mannelijke macht langzamerhand oplegden
aan de zuidelijker culturen van India, Midden-Oosten en Europa. Het
zou goed kunnen dat deze Ariërs ook een flinke geneninjectie
van onze viriele ruimtevaarders gehad hebben. Tussen de drie genoemde
'gewest'-beschavingen bestonden nauwe culturele en economische banden.
Ergens rond 3800 v. C. is er dus aan de oevers van de Soemer een drastische
overgang van een eenvoudige landbouwende gemeenschap naar een
onwaarschijnlijk hoge, schrijvende cultuur. Die sprong geldt voor
geavanceerd bouwen, voor aardewerk en muziek maken, metaal verwerken,
geneeskunde, kookkunst, rechtspraak, textielindustrie en
zeevaart. Sitchin concludeert dat al die vaardigheden werden overgebracht
en gestimuleerd door astronauten die in het olierijke Mesopotamië
voor de tweede keer een brandstofstation hadden gevestigd. Ze zetten
bovendien een soort genetisch-botanisch laboratorium op, waar
voor het eerst diverse dieren gedomesticeerd werden, gewassen veredeld
en een opeenvolging van kunsten onderwezen. Zaden als dat van
de spelt (een genetisch raadsel) waren een gift aan de aarde van de
god Anoe, zo vermeldt een kleitablet. Bijzonder is dat er een
grote nadruk lag op rechtvaardigheid en dat men geneeskunde bedreef
op een niveau dat niet veel voor dat van ons onder deed. Het meest
intrigerend zijn de vele astronomische teksten, waarin allerlei planeetbewegingen
en -condities lijken vastgelegd. De Soemerische priesters/astronomen
tekenden meer dan vijfduizend jaar geleden op dat de aarde een bol
was, vanuit een bovenaanzicht in kaart gebracht bovendien. Waarschijnlijk
durfden de oude Fenicische en Carthaagse zeelieden op basis van zulke
kaarten de oversteek van Marokko naar de Zuid-Amerikaanse kusten te
maken. En hoe anders kon men de aardse bolvorm kennen dan met de hulp
van vliegtoestellen? Waar kwam de kennis vandaan waarmee ze in
tekst en beeld een compleet planetarium, gebaseerd op bol-sterrenkunde
beschreven? Wat hadden ze aan het noteren van aanvliegroutes
in ons zonnestelsel en aan markeringspunten om op aarde veilige landingsplaatsen
te kunnen lokaliseren? Je zou toch denken dat al die kennis voor de
lokale ploeteraar van generlei waarde was? Wat moesten ze met hun
zeer precieze efemeriden (planeetbaan-voorspellingen), zodiakale indelingen
en afstandmetingen in graden en eenheden van 10.692 meters (een 'beroe')?
De Soemeriërs hielden niet alleen nauwkeurige kalenders
bij maar kenden ook de precessie der equinoxen en het Grote Kosmische
Jaar van 25.920 jaar! Er is eigenlijk geen andere conclusie mogelijk
dan die van Sitchin: al deze informatie is afkomstig geweest van een
in de ruimte navigerende intelligentie. Het is verbijsterend
dat zijn werk nog steeds genegeerd wordt door collega-wetenschappers.
Met name is er voor astronomen en andere heelalvorsers discussiestof
te over op de Soemerische kleitabletten. Volgens allerlei
afbeeldingen is de thuisplaneet van de Nefilim, Mardoek, groter dan
de aarde, maar kleiner dan Jupiter en Saturnus. Drieduizend jaar geleden
lokaliseerde men deze planeet tussen Mars en Jupiter. Bijzonder
is dat zijn baan om de zon ingaat tegen die van de andere elf bekende
planeten, zon en maan meegerekend. Nog raadselachtiger maar even
intrigerend is het Mesopotamische scheppingsepos. Daarin
wordt beschreven hoe, enkele miljoenen jaar geleden, het binnendringen
vanuit de buitenruimte van deze nieuwe planeet, toen met zeven satellieten,
in ons nog instabiele zonnestelsel leidde tot een botsing van één
van die satellieten met de planeet 'Tiamat'. Dat was onze aarde.
Zij werd daardoor in twee stukken gespleten. Het grootste stuk
kreeg een nieuwe baan en een satelliet. Dat was de oorspronkelijke
planeet 'Kingoe', die als maan om 'Tiamat' ging draaien. Het tweede
stuk werd echter later nogmaals getroffen en verbrijzeld in stukken
die tegenwoordig aan ons bekend zijn als de asteroïdengordel.
Pluto, aanvankelijk een satelliet van Saturnus, kreeg pas toen een
eigen excentrieke baan. Ons zonnestelsel heeft er dus ooit anders
uitgezien dan nu, maar inmiddels is Mardoek weer in de verre ruimte
verdwenen. Dit Mesopotamische verhaal geeft een volstrekt samenhangende,
plausibele kosmogonische verklaring voor allerlei astronomische
raadsels, zoals waarom allerlei kometen (resten van die enorme
botsing) in een richting met de klok mee bewegen, terwijl de
bekende planeten tegen de wijzers van de klok in om de zon draaien.
Ook de verwoestingen op de maan hangen met deze gebeurtenissen samen.
Tevens bevestigt deze zienswijze die van Nobelprijswinnaar Francis
Crick en Dr. Leslie Orgel die in 1973 al stelden dat het leven op
aarde waarschijnlijk is voortgekomen uit kleine organismen van een
ver verwijderde planeet. Een bezaaiing dus? Via een botsing met een
planeet uit de buitenruimte? Lijkt het aardse en het buitenaardse
leven daardoor zo veel op elkaar dat er opnieuw kruisbestuiving
mogelijk was? Essentieel blijft de stelling dat de Soemerische priesters
geïnformeerd moeten zijn door astronomen uit een oneindig veel
oudere beschaving dan de onze! Op kleitabletten staan talloze verhalen
van luchtreizende goden, godinnen en/of plaatselijke gebieders.
Ze gaan rechtstreeks naar de bewoonde planeet Mardoek. Als die zich
echter eenmaal weer te ver van de aarde verwijderd heeft, dan reist
men naar een ruimtestation, dat om onze planeet heen cirkelt. Films
als Close Encounters, E.T. en Independance Day zijn er niets bij.
Dit soort informatie wordt geïllustreerd met talloze zg. cilinderzegels,
pictogrammen en afbeeldingen die kennelijk vliegbrillen,
een vliegdoos, koptelefoons ('metende hangers') of helmradioontvangers
voorstellen. Ze worden in de lokale taal omschreven met begrippen
als 'dat wat ver het heelal in doet gaan'. Hoge tempels schijnen vooral
te functioneren als landingsbakens, hun ruime binnenplaatsen
geven ruimte voor bemande raketten voor 'de afdaling vanuit de hemel',
zoals een tekst meldt. Even gedetailleerd worden aanvallen met raketwapens
beschreven. Want gewapende macht en politieke allianties blijven nodig
om de business te kunnen blijven bewaken: 'Vanuit een gouden
kamer-in-de-lucht zal ik over u waken', belooft de godin Inanna aan
een Assyrische koning.
Hoofdstuk 6 van Genesis verdient een
eerlijker aandacht dan de wetenschap tot nu toe heeft willen geven.
De Nefilim waren op de aarde, staat er. Misschien wàren het
ook reuzen. Waarschijnlijk hebben we een forse evolutiesprong te danken
aan deze verwante oerbeschaving, aan dit volk van de 'sjem', het volk
van de raketschepen, neergeworpen op de aarde. Voor wie nu afhaakt:
even ho. Dit betekent niet ineens dat er nu geen wonderen, engelen,
Christusenergie en spiritualiteit bestaat! O nee! Al is de menselijke
evolutie in den beginne vooral door buitenaardsen geprikkeld, we hebben
ondertussen allerlei eigen wetenschappelijke, geestelijke en
spirituele vermogens ontwikkeld, die onze scheppers nog voor
een flinke verrassing gaan stellen, als ze terugkomen. Want dat
doen ze beslist, volgens Sitchin. Telkens als hun planeet de onze
nadert, bemoeien ze zich namelijk met het menselijk welzijn. Hun laatste
optreden is gedateerd rond 200 v. C.; het volgende zou met
de bekende tussenpoos van 3600 jaar vallen rond het jaar 3400. Dat
zal een boeiende 'Dag des Heren' worden. Sommige deskundigen denken dat hun laatste bezoek veel langer geleden was en de oploopbaan korter. Dat brengt die dag misschien dichterbij dan we mogelijk leuk vinden. De Internetsite www.sterrenkunde.nl is mogelijk open voor verdere discussie.
Literatuur: Sitchin, Zecharia, De
twaalfde planeet -Wanneer, waar en hoe astronauten van een andere
planeet naar de Aarde kwamen en de Homo Sapiens schiepen- Uitg. Tiamat,
Alkmaar 2000.
terug
2. DE UITVERKORENEN EN HUN SLACHTOFFERS
(gepubliceerd in BRES 2001)
Wanneer zit je fout met een leermeester, goeroe, therapeut, genezer
of medium? Wanneer gaat je verlangen om te groeien naar een Hoger
Bewustzijn een valkuil worden waarin je wordt overschaduwd, seksueel
of financieel misbruikt en gehersenspoeld? Pijnlijke ervaringen van
het quasi-magische New Age front leveren bruikbare waarschuwingen
voor valse profeten op.
Vijfen twintig mensen, dicht op elkaar in de huiskamer. Behalve
ikzelf was er nog één andere man. De rest waren vrouwen,
de meesten tussen de vijfendertig en vijfenvijftig jaar. Overal
brandden waxinelichtjes. Op de ronde tafel in het midden lagen foto's,
sieraden en andere gebruiksvoorwerpen. De zwaargebouwde mevrouw die
ons als trancemedium was voorgesteld, zou het een en ander opladen
en zuiveren. Er was een heilige stilte ontstaan. Het medium begon
te schokken en te trillen. Haar mond begon te praten met een veel
zwaardere stem dan we van haar gewend waren. Broeder Ignatius kwam
door! Hij heette ons welkom, speciale groeten waren er voor hen, die
de hoon van hun familie hadden moeten verdragen om hier te kunnen
komen. Ook uitte onze broeder bewondering voor diegenen die hadden
moeten worstelen met hun eigen innerlijke weerstand tegen dit soort
occulte gebeurtenissen. Wij, de aanwezigen, zaten in een dapper proces
en de beloning zou groot zijn. Voor een aantal onder ons zou deze
avond een inwijding worden. Sommigen zouden worden opgenomen
in de vierde straal, beloofde broeder Ignatius. Hij gaf groeten door
van een dierbare overledene, iemand die pas kort geleden overgegaan
was. De achterblijvende werd opgeroepen niet langer te treuren maar
zich te wenden naar het licht en ruimte te maken voor nieuwe contacten.
Naast mij barstte spontaan een oudere dame in snikken uit. Ook aan
de andere kant van de ademloze cirkel werd droevig gehuild achter
een zakdoek. Ignatius 'zag' ook iemand van de aanwezigen voorbereidingen
maken voor een buitenlandse reis. De betrokkene stond daarmee
een grote beproeving te wachten, maar alles zou in orde komen als
hij maar dagelijks zou mediteren op het Goddelijke Licht. Akelig
was wel het cynisme dat de broeder bespeurde bij een nieuw lid van
onze groep Lichtwerkers. Terwijl iedereen halsreikend uitkeek naar
de Nieuwe Tijd en naar de transformatie van Moeder Aarde, waren er
helaas nog altijd mensen die geremd bleven door hun eigen jeugdangsten.
Zij zouden op deze manier nooit de gelukzalige opgang naar een betere
wereld mee kunnen maken die de meer vertrouwende leden van ons gezelschap
te wachten stond. Ik ging uiterst voorzichtig een beetje verzitten,
bang om nog meer aandacht op me te vestigen. Ik had namelijk de sterke
indruk dat broeder Ignatius op mij doelde.
ZEVENTIEN STERREPOORTEN
'Op dit moment worden er op zeventien andere plaatsen op onze aarde,
exact gelijktijdig, meditaties gehouden in andere heilige kringen
van energiewerkers,' sprak de stem van ons trancemedium. 'Er gaan
hier en nu sterrenpoorten open, ook in onze kleine gemeenschap.
Strek uw handen uit, laat jullie vingers, jullie pinken elkaar raken.
Open de ontwikkelingspoort voor je geestelijke evolutie. Maak
de verbinding met het sterrenlicht!'Natuurlijk deed ik mee. Hoe
zou ik durven storen in dit collectieve verlangen naar een verlichting
van ons aardse lijden, de overgang in een andere dimensie!? Er vonden
die avond helingen en genezingen plaats, vier dames gingen naar
de vierde straal, er werden enkele dolende overledenen naar het Licht
gebracht en broeder Ignatius vertelde ook nog veel moois over de Pleiaden.
En dat allemaal voor het luttele bedrag van vijfentwintig gulden dat
we aan het begin van de avond op een schaaltje gelegd hadden. Toch
ben ik niet meer terug gegaan. Ik heb ook geen privé consult
gevraagd, geen tekstboeken van eerdere seances gekocht en ik heb geen
zakje met speciaal ingestraald Pleiadisch zout aangeschaft.
Op de terugweg in de auto napratend met twee andere deelneemsters
liepen de emoties hoog op. Ik vergeleek deze spiritistische seance
met mijn ontmoeting met het Engelse medium Rosemary Altea, die ik
ooit voor het blad Onkruid interviewde. Volgens haar nemen de doden
actief maar onzichtbaar deel aan ons leven. Met hun zogenaamde etherische
lichaam, dat onvernietigbaar zou zijn, groeien ze gewoon op.
Ze zijn `veilig'; de doden hebben de dood overleefd, zegt Altea.
Sterker nog: 'Ze laten weten dat ze voor altijd bij je zullen zijn
om je bij te staan. Ze zien zoveel helderder dan wij -ook in
de toekomst- omdat wij ons zo gemakkelijk laten verblinden
door emoties.' Ik beschouw dit medium vooral als een bekwame telepate,
die de geest van haar levende cliënt aftast op informatie. De
overledenen die bij haar 'door' komen, geven dan inderdaad onmiskenbare
bijzonderheden en details die niemand kan weten. Maar de boodschappen
blijven meestal oppervlakkig, hoewel zeer poëtisch: 'Je vader
vertelt je dat als je een zachte bries over je gezicht voelt, het
zijn adem zal zijn.' Broeder Ignatius uit de trance vergeleek ik met
de relatie die Rosemary Altea heeft met haar geleidegeest, de Indiaan
Grey Eagle. Het lijkt bijna een orakelverslaving, als blijkt dat zij
haar gids zelfs bij de allergewoonste dingen om hulp vraagt:
'Hoelang moet dit vlees in de oven, Grey Eagle en zit er voldoende
zout op?' Ze bekende me dat ze graag opnieuw een relatie met een partner
zou willen. Helaas, de gemiddelde man zal wel opzien tegen zo'n
permanent trio met een onzichtbare extra partner die alles natuurlijk
beter weet. En is het uit te houden met iemand die zo 'door je heen
kan kijken' en die zo Bijzonder Speciaal is? Brrr.
Het werd net geen
slaande ruzie in de auto. De mevrouw die mij bij de seance had uitgenodigd,
kon mijn kritiek wel plaatsen: 'Twijfel is ook een spirituele deugd,'
vond zij. Haar vriendin, één van de 'opgestraalden'
van die avond, vond echter mijn wantrouwen van giftige aard. Ineens
sprak ik mijn oordeel maar uit ook: 'Sorry, maar jij laat je inpalmen
door een nepchannel.' 'O ja?! Er waar herken jij dan een zogenaamd
bonafide kanaal aan?' wilde ze emotioneel weten.
SCHADE EN SCHANDE
Ik moest bekennen dat ik vooral door schade en schade wijs geworden
ben. Zo heb ik veel genoten maar ook veel dubieuze dingen meegemaakt
in de Indiase ashram van Bhagwan Shree 'Osho' Rajneesh. In een eerder
artikel (Bres 199) beschreef ik mijn lugubere contact met de
Zwitserse charismatische maar volkomen gestoorde goeroe/therapeute
Hanna 'Kalihatti' Boeschenstein. Ik heb ook veel groten in New Age-land
kunnen interviewen en niet zelden betrapt op een enge cultus
van Zeer Speciaal Zijn.
Ik was ook gewaarschuwd na het
lezen van De uitverkoren planeet van de Amerikaanse Phyllis
Virtue Schlemmer. Zij channelt exclusief de buitenaardse Raad
van Negen, die zichzelf als de 'Spelbedrijvers' etiketteren. Deze
hiërarchie (de'Elohim' uit de Bijbel volgens haar eigen zeggen)
bestuurt haar mediamieke lichaam. Helaas gaat haar publiek doorgaans
heel vermoeid naar huis. Dat is voor mij de zoveelste aanwijzing dat
er zich hier een dubieuze astrale plaaggeest manifesteert, die knap
parasiteert op de energie en de aandacht van haar idolate slachtoffers.
Zou dat hele channelen niet verboden kunnen worden? Schlemmer smijt
overigens met de meest exotische namen van allerlei beschavingen in
het heelal. Hoova, Altea, Asjan en Aragon. Zeneel, Zeemed en Zenthorp...
Niet te verifiëren kletskoek en er wordt nog in geloofd ook.
Het grappige is nou juist weer wel dat mevrouw Schlemmer channelt
dat we enorm moeten uitkijken voor de Pleiaden-bewoners.
Er gaan invasies komen, evacuaties, opstralingen en transformaties.
Sommige lui worden gered en andere niet. Ik vast niet. Ik vind het
schitterend hier op aarde. Mijn loyaliteit ligt onverbrekelijk bij
Moeder Aarde. Waarom ben ik anders hier geïncarneerd? Ik
blijf.
De geschiftheid van al dat channelen wordt demonstratief aangetoond
als je naast De uitverkoren planeet de boeken legt van een
andere Amerikaanse schrijfster, Barbara Marciniak, die beweert juist
lièfdevolle Pleiadische 'tijdreizigers uit de toekomst' te
channelen. Brengers van de dageraad was een hype in de boekhandel,
maar Marciniak vind ik ook een schoolvoorbeeld van een valse profeet, die het
lichtgelovige publiek eerst angst aanjaagt met haar waarschuwingen
voor onderaards wonende kwaadaardige reptielen en het dan troost
met gezwollen, quasi bewustzijnsverruimend gebabbel over
oplossingen ('Trek je wandelschoenen aan, ga naar buiten en neem een
dag vrijaf in de natuur'). Van haar moeten we ons meer verzetten tegen
de technologische beschaving en de juiste frequentietrillingen
oppikken. De Pleiaden bieden ons liefde en licht, de kracht van het
getal 12 en automatische opname in de Familie van het Licht.
Op Melkwegconferenties wordt met smart op Aardevertegenwoodigers
gewacht! Echt waar? In haar nieuwste boek Familie van licht meer van hetzelfde maar nu pakt ze gemakheidshalve ook maar
het Maya-jaar 2012 uit de kast: dàn krijgen we eindelijk alle
verborgen mysteries onthuld!
GLASTONBURY
Kortgeleden kreeg ik als extraatje in handen het boek van Anita
van der Meer met de titel De Uitverkorenen. Daarin beschrijft
zij vergelijkbare ervaringen uit 1996 met de leidster van het beroemde
healingcentrum Shamballa in het Engelse Glastonbury.
Deze dame (even charismatisch en toevallig net zo moddervet als
mijn Hanna Boeschenstein) claimt een overschaduwing te zijn van de
Egyptische godin Isis. Ze leest aura's, vorige levens en zielsafspraken.
Dan praat ze haar toekomstige discipelen moeiteloos een andere werkelijkheid
in van seksuele intimidatie, spirituele verslaving en fysieke slaafsheid.
Haar gasten worden in korte tijd geheel ondergesneeuwd in een psychopatische
empathie. Hoe lukt haar dat? Bij honderden Engelse slachtoffers
en bij zeker twintig 'nuchtere' Nederlanders? Bijvoorbeeld omdat deze
mevrouw Isis niet zo maar een eenvoudige Broeder Ignatius channelt
of desnoods Broeder Wappa uit Orion of iemand van het Ashtar Commando,
maar meteen de volledige Hiërarchie van Verheven Meesters! Hallo!
Aartsengel Metatron! Met de steun van zo'n oppermachtige, maar
oncontroleerbare want denkbeeldige Godheid moet het Netwerk van
Isis de wereld redden. Anita laat zich aanvankelijk redeloos, reddeloos
en radeloos inpalmen. Ze is wel zo nu en dan ongerust maar toch schrijft
ze: 'Ik kan niet weg, want wat moet er dan van het Goddelijke Plan
terecht komen?'
Men gaat op groepsreizen naar Egypte, wordt verschillende
keren ingewijd, krijgt andere namen en een andere identiteit. Dat
proces van overschaduwd worden beschouwen de discipelen van Isis
zelfs als een eer. Je bent dan een zogeheten walk in, een voertuig
voor een hogere entiteit. Ook de discipelen van de Amerikaanse goeroe
Drunvalo Melchizedek vinden het de gewoonste zaak van de wereld dat
hun idool heeft verklaard dat hij een walk in is. Dat hij de
oorspronkelijke bewoner van zijn lichaam naar een andere (betere?)
bestemming heeft geloodst. Zo kan een knappe tovenaar mooi een soort
fysieke onsterfelijkheid ritselen. Leen een lichaam! Een variatie
op de Body snatchers. Reclame voor deze zelfde truc maakt ook
de Australische Reiki-meesteres Jasmuheen, die ook al Verheven Meesters
channelt. Zij beweert dat je in een programma van 21 dagen door
godsvertrouwen, vasten en de eerste week niet drinken jezelf 'terug
af kunt stemmen' op de goddelijke trilling. Haar theorie zit vol getalsfrequenties,
resonanties, dimensies, subniveaus en wetenschappelijk klinkende tips
om je DNA en je geest te herprogrammeren. Haar levensgevaarlijke experiment
trekt veel New Age egotrippers aan, die kicken op deze bijna-dood-ervaring
en het Speciaal Zijn wat er mee verbonden is. Na tien dagen niet meer
drinken trekt de ziel zich namelijk terug uit het lichaam en
maakt zodoende de weg vrij voor een quasi-liefdevolle, esoterische
bull shit uitbrakende plaaggeest, een walk in. Tenminste,
als het 'goed' gaat. Diverse mensen uit deze club zijn al overleden.
En waar hebben we zulke verhalen al eerder gehoord?
EHTERROOF
Madame Blavatsky is terecht haast heilig verklaard, omdat ze waarschuwde
tegen het fenomeen van `etherroof' waarbij onstoffelijke
wezens zogenaamde etherische fosfor en andere lekkernijen aftappen
van levende lieden om zo hun eigen astrale bestaan te kunnen verlengen.
Op het podium wordt een kunstje door een Jomanda of een Rasti Rostelli
vertoond, maar de zaal betaalt. Dat gebeurt letterlijk en figuurlijk.
De toneelhypnotieur krijgt drie mensen korter of langere
tijd van het roken af, maar daar gaat het hèm niet om. Hij
denkt aan de duizend mensen in de zaal, die vijftien gulden voor hun
toegangskaartje betaald hebben. Op die manier willen vast ook allerlei
plaaggeesten graag wat kennis kwijt of wat mysterieuze operaties verrichten.
Gaat u maar naar Tiel, naar Lelystad of naar Glastonbury. Alles heeft
echter zijn prijs, stoffelijk of onstoffelijk. Dit heelal draait
om geven en nemen of je dichtbij kijkt of ver af. Ook in Shamballa werd en wordt betaald. Door Anita van der Meer en honderden anderen.
Het gaat daar niet meer om een gezellige Rasti Rostelli-familieshow
maar om een heel groot Iets. Isis gooit het bekende jargon als een
wurgnet over haar naïeve bezoekers heen. Galactische Raden, Planetair
Bewustzijn, Christus-energie, het kan allemaal niet op.
En ondertussen maken de Sterrenpoorten de aarde een speeltuin voor
Grijzen, Reptielen, E.T.'s, Deva's, Meesters en Engelen. Crisis na
crisis ontvouwt zich dus bij de schrijfster, valkuil na valkuil gaat
open.
De hersenspoeling gaat heel diep, de deprivatisering ondermijnt
elk zelfstandig denken en alsmaar krijgen de slachtoffers te horen
dat hun bezwaren slechts uitingen zijn van hun draakachtige ego
dat niet wil loslaten. Het wordt dan wel heel lastig om nog even gezond
argwanend te zijn door al die romantische gevoelens van toewijding.
Anita van der meer vond na een jaar of drie uiteindelijk weer
voldoende van zichzelf terug om zich af te kunnen wenden van haar
krankzinnige Engelse goeroe. Van der Meer is een goedopgeleide trainer
en therapeut. Ze gaf al jaren workshops. En toch raakte
ze een tijdje flink de weg kwijt... Later aan de telefoon zegt ze:
'Om jezelf te provoceren ben je bereid om heel ver te gaan, om de
show heel lang mee te spelen.' Tja, dat kan kennelijk. Tussen de regels
van dit boek door valt op dat enge Isis vooral Anita's eigen verlangen
om uitverkoren te zijn spiegelde. 'Aangewezen' zijn, Speciaal,
Anders, Hoger, Verder, Belangrijk en Zuiver, Volmaakt in Gods
ogen, dat willen we misschien wel allemaal. Zou het kunnen dat je
juist dan struikelt over je gewone menselijkheid? Zou het kunnen dat
Het Goddelijke juist plezier heeft in het gewone, in het grappige,
het geile en het gezellige? Dat het Grote Geheel niet houdt van Alleen
Maar Goed? God schept vast en zeker ook genoegen in het broze spel
van Donker en Licht. Wat dat betreft zijn al die nepgoeroes, die paranormale
charlatans en egocentrische channels natuurlijk de mooiste en zeer
bruikbare hulpmiddelen in het Wonderlijke Theater dat leven heet.
CHECKLIJSTJE
Laten we dus kritisch naar deze situaties blijven kijken, net niet
zelf te arrogant of betweterig, maar als gewaarschuwd man (of vrouw)
voor twee te tellen. Met Anita's schrijnende verhaal van magisch
misbruik in de hand kunnen we inmiddels wel een soort checklijstje
maken. Wanneer zit je fout met een leermeester, goeroe, therapeut,
genezer of medium? Een valse profeet begint met vleierij. Je energie
en innerlijke kwaliteiten zijn hem of haar opgevallen ('Jij zit dicht
bij het Christusbewustzijn') of je groeitempo is schitterend ('Wat
werk jij goed door je blokkades heen, zeg!'). Je kijkt nog niet door
het netwerk van leugens en bedrog heen. Je bent nog geen grote sommen
geld kwijt, je bent nog niet seksueel misbruikt en je hebt nog
geen fraude hoeven plegen om je het zwarte gedrag van je goeroe wit
te wassen. Als de smeerlap met die dingen zou beginnen, was je
verblinding immers van korte duur. Nee, het spel zal zich rustig aan
ontrollen. De tweede narigheid komt subtiel om de hoek: je wordt ongerust
en bang gemaakt. Uit onderzoek van je aura, horoscoop, handlijnen,
uit aparte testjes of uit de een of andere paranormale of orakelgestuurde
waarneming blijkt dus al gauw dat je allerlei blokkades
hebt, trauma's en kwetsuren. Je hoort dat je best wel leuk
bezig bent met zelfonderzoek, maar ondertussen heb je last
van je minderwaardigheidscomplex en van mogelijk psychosomatische
kwalen ('Voel je die spanning in je lage rug?'). De ander beweert
paragnost te zijn en praat je zelfs oncontroleerbare en afschuwelijke
ziekten aan. Zo vertelde Oibibio-goeroe Bert van Riel iemand: 'Jij
hebt potentiële kankercellen in de baarmoeder.' Dat
op zich is al goed voor een doodschrik! Na intensief slikken van zijn
drankjes ben je na een jaar weer genezen van een ziekte die niemand
anders überhaupt bij jou heeft kunnen vaststellen. Gevoelige
en overgevoelige mensen zijn doorgaans kwetsbaar voor infiltraties
van hun zenuwgestel, dus een opvallende persoonlijkheid veegt makkelijk
hun eigen innerlijke grenzen aan de kant.
Punt drie roert zich: de nepprofeet prikkelt een gevoel van hulp nodig
hebben. Hij of zij kan jou gelukkig snel of op termijn genezen, als
je maar goed luistert en doet wat de meester zegt. Als je volgeling
van prediker Johan Maasbach uit Den Haag bent of van de Koreaanse dominee Sun
Myung Moon, moet je je ook nog strikt aan veel Bijbelse ideeën
over moraliteit houden. Hoe dan ook, je krijgt er een gevoel van zekerheid
voor terug. Je hoort eindelijk ergens bij. Je wordt gezien. Misschien
magnetiseert hij of zij je heerlijk of bezorgt hij of zij je
je eerste echte orgasme. Iets wordt er in elk geval in je vervuld.
Je situatie wordt niettemin precair als er gedwongen winkelnering
(Punt vier) bij komt. Je moet iemands boeken kopen en uit het hoofd
leren, een 'Transformatie-Tetraeder', cassettes, CDs, apparaten
of uitvindingen kopen en/of uitventen in familie of op straat. Vaak
verstrekt de nepmeester/genezer je een al dan niet ingestraalde
edelsteen of zalfje, drankje of pilletje. Het wordt niet vergoed
door het Ziekenfonds en er zit geen BTW-bonnetje bij. Natuurlijk
zijn er beslist integere hulpverleners die ook zo werken, maar
krijg je als je als vijfde element ook schitterende toekomstbeloften?
Wees dan beslist op je hoede. De quasi-verlichte belooft je bijvoorbeeld
een spannende positie in zijn of haar organisatie (helaas moet je
meestal wel beginnen met slavenwerk in de keuken) en je gaat
strakjes iets van een Quantumsprong maken. De Verlichting nadert
voor jou! Hoera! De Maharishi Mahesj Yogi belooft bijvoorbeeld de
doorzettende TM-ers dat ze straks energetische toverkunsten,
siddhi's, kunnen uitvoeren ('Zweven naar een beter leven').
In elk geval krijg je te horen dat jouw zwaar bevochten transformaties
mintens gaan leiden tot helder zien, helder horen
of helder voelen. Zelf straks/ooit Meester spelen en 'darshan'
geven of lezingen houden, dat is de wortel die aan verlangende ezels
wordt voorgehouden.
HEBZUCHT
Het zesde punt op de lijst van wangedrag is het speculeren op
iemands hebzucht. In de Avatar-club beloofden Harry Palmer en
(de inmiddels overleden) Alexander Smit je rijkdom door het proces
van loslaten van beperkende overtuigingen (discreaties).
Ook sommige Reiki-masters spiegelen je rijkdom voor, veel leermeesters
beloven je genezende krachten, waar je dan een eigen praktijk
mee kan beginnen. Je moet even ettelijke duizenden gulden voor
je laatste inwijding investeren, maar daarna ga jij zelf binnenlopen.
Punt zeven handelt over classificeren. Je wordt ergens op een denkbeeldig
laddertje ingedeeld en je kunt opklimmen. Dat permanente vergelijken
met medestudenten of andere discipelen moedigt doorgaans een besmuikte
competitie aan. Ook ontwikkelen zich in de club of school razendsnel
definities over goede en foute leerlingen. Nog dubieuzer wordt het
spel als jouw classificatie in een of andere mysterieuze code
wordt gepresenteerd. Je zit bijvoorbeeld nog in de rode
spiegel in plaats van in de blauwe (indeling van Bert van Riel).
Of je dertiende chakra-energie wervelt niet goed. Of je staat op het
punt van intreden in de vijfde dimensie of van meegolven op straal
9. Ai. Misschien is er in de ongeziene wereld inderdaad
sprake van hiërarchieën, maar dat lijkt alleen zuivere
koffie als dat een puur technisch detail is. Waarom zou iemand zich
immers willen voorstaan op zijn Liefde voor de Mensheid of op
zijn precieze afstand tot God? Is zo'n zelfverleend predikaat van
Verlichting niet even zielig als de zoveelste staatsgreep in
een Afrikaans land? Punt acht ligt dichtbij zeven. Je Teacher of therapeut
leert je denken in rangen en standen, compleet met bepaalde privileges
(een kamertje dichtbij de Meester of Zijn eten mogen klaarmaken).
Dat werken met quasi spiritueel gezag wordt tegenwoordig opvallend
geafficheerd door lieden die beweren dat zij, weer van een Hogere
Autoriteit (minstens van Aartsengel-niveau), autoriteit op aarde gekregen
hebben. Zij 'mogen' jou helpen. Jij 'mag' ook meehelpen aan het Goddelijke
Plan. Dat 'mag' de spirituele Halve Gare jou ook namens de Grote Onzichtbare
mee delen. Zelf verantwoording nemen is er niet bij en als er
iets fout gezegd blijkt achteraf, dan was dat helaas een doorgeving,
een gechannelde boodschap, eventueel met tussenkomst van een plaaggeest...
Het negende punt slaat op gerommel met feiten, data en fenomenen.
Meestal gooien die vreemde bewustzijnsverruimers c.q. vernauwers je
dood met abstract, wazig en wollig gebabbel. Uit de folder van
Sonia Bos: 'Zij bericht ons omtrent de vernieuwingen die het
Aquariustijdperk de mens brengt. Haar inspiratie ontvangt zij
uit de Akasha van de Bron van het Leven. Hierin wordt zij geleid door
de Universele Wereldregering, waarvan zij de spreekbuis
is.' Zij alleen? Het lijkt precies op het alleenrecht van Phyllis
Schlemmer. Van dit soor lui krijg je alsmaar bombastische praatjes
te horen, die je de neiging geven om geïrriteerd te vragen: 'Hoe
weet u dat toch allemaal!?' Kosmische oplichters komen reuze
makkelijk aan met wonderlijke, oncontroleerbare getallen
en veel Hoofdletters. Uit de folder van Johan en Elke van der Stok
uit het Friese St. Annaparochie: 'In Healing 3 kunnen via de Kosmische
krachten van Genezing alle 48 Kracht Centra van de mens gedeblokkeerd
worden. In Healing 5 worden de 16 Paarlen Poorten in je celgeheugen
opnieuw geactiveerd. In Healing 8 voor DNA-herstel worden de mogelijkheden
om jezelf uit te drukken 14 keer vergroot.' Ir. Bas van Woelderen
van de Stichting Wholisme uit Den Haag weet eveneens reuze knap allerlei
exacte data te channelen: 'Sinds 3 juni 1997 hebben Lichtwezens de
mensheid de ontwikkelingsmogelijkheid gegeven om zichzelf om te polen
van het verstandelijke naar het gevoelsmatige.' Onder zijn leiding
heeft een groep van 40 mensen op 12 april 1997 de aarde een impuls
gegeven om de verzwakkende werking van aardstralen wereldwijd te neutraliseren.
En Goddank, dat is nog gelukt ook! De Stichting Light Network uit
Eindhoven goochelt even stellig met jaartallen: 'Vanaf 1972 kwam alles
onder directe controle van de Heren der Tijden'. Daar beweert men
dramatisch dat het Orion Rijk samen met de Draco/Zètafederatie
een leger op aarde gevormd heeft, mensen ontvoerd en bij tienmiljoen
mensen implantaties uitgevoerd.'
ANGST AANJAGEN
We komen met zulke informatie direct bij punt tien: angst aanjagen.
Jouw innerlijke angsten worden op de buitenwereld geprojecteerd. Er
is een gezamenlijke tegenstander geschapen en zo houdt de valse profeet
zijn schaapjes bang bij elkaar. Je wordt alert gemaakt op een samenzwering.
Van buitenaardsen, van de Joden, van de FBI. Van de fundamentalisten
of van je eigen behoudzuchtige familie. Of je wordt opgezet
tegen je ongeruste partner. De Antichrist is aan het werk of ondergronds
wonende reptielwezens. Of je bent prooi van parasiterende,
onzichtbare astrale vijanden en alleen jouw meester(es) kan je tegen
dat soort engigheid beschermen. Griezelig wordt het als aan jou
zelfs planetaire verantwoordelijkheid wordt opgelegd. Van jou hangt
de ondergang van de aarde af?! De nepprofeten roepen in koor dat God
noch Engelen noch buitenaardsen mogen ingrijpen in ons en
jouw karma, maar ondertussen moet de doodangstige discipel zijn of
haar hele leven omgooien om niet eeuwig tot hel en verdoemenis te
geraken? Wat zijn er in de laatste tien jaar van de vorige eeuw al
veel doemdenkers geweest met geflopte voorspellingen over de
Apocalyps, de ecologische vernietiging van de aarde, klimatologische
rampen enzovoorts. De Betuwe ging overstromen en ojee, wat is
daar gepiekerd over het verliezen van have en goed, kinderen
en geliefden. Het eind van de wereld nadert en het is eigenlijk jouw
schuld dat het niet voorkomen wordt, omdat je niet voldoende mee gemediteerd
hebt of gedoneerd aan de kassa van deze profeet!
Punt elf is dubbel. Het gaat dan om provocaties. De goeroe daagt je
uit. Heb je lef? Durf je risico's te nemen? Durf je je over te geven?
Het is een geweldige 'energy-booster' als je haar er af moet, of wanneer
je je in wit, rood, oranje of geel moet gaan kleden. En over een kolenvuur
lopen? Drie weken vasten? Durf jij vier XTC-pillen te slikken
of zes glazen whisky omdat de goeroe dat experiment zo interessant
acht om door je ego-verdedigingen heen te komen? Osho Rajneesh was altijd
buitengewoon geïnteresseerd in de ontwikkeling van nieuwe technieken
om je angst en je conditioneringen aan te pakken. Ik heb vaak gezien
hoe wonderschoon zulke provocaties konden werken. Maar ik weet ook
van mensen die zelfmoord pleegden omdat ze zodanig onder druk gezet
werden dat ze geen andere uitweg meer zagen.
Punt twaalf doet bij
de gemiddeld intelligente persoon de deur dicht. Het gaat om bedreigingen.
Uitschelden, slaan en je onder druk zetten kan niettemin soms aparte,
positieve effecten geven. Er zijn verlichte lieden (geweest) die een
authentieke drift en jaloezie kennen. Het kwaad worden van je leermeester
zegt dus nog niks van zijn kwaliteit. Diverse Zen-meesters ranselden
hun leerlingen ongenadig af. Het transformeren van je angst voor je
goeroe is een grote stap in je leerproces, dat kan ik uit ervaring
melden. Het is meestal verbonden met de angst voor een ouder, vaak
voor een ouder die losse handen had. Vanuit een verlangen naar liefde,
intimiteit en eenheid geeft het kindstuk in de discipel zich over
aan de alternatieve vader- of moederfiguur. Vanuit een volwassen stuk
zal hij later op intuïtie of gevoel afgaand ook Nee moeten leren
zeggen tegen diezelfde aanbeden ouder. En dus tegen zijn goeroe, profeet
of therapeut. Dat proces kan heel lang duren. Sommige neppende bemiddelaars
tussen God en jou speculeren namelijk heel krachtig op ons schuldgevoel.
VALSE PROFEET
De valse profeet is specialist in sancties, verbanningen
en vervloekingen. Hij of zij kan meestal niet tegen kritiek. Wie doorvraagt
over zo iemands persoonlijke seksleven, over zijn of haar geldzucht,
manie of fobie, maakt de Meester(es) subiet driftig. De criticus wordt
de deur gewezen, soms zelfs met geweld. Als jij terecht wantrouwig
bent, hoor je dat je `in je kop' zit of een 'mindfucker' bent.
En als je het toch wáágt om de groep te verlaten, dan
heb je je ingelaten met het Kwaad zelf! Of je krijgt een ziekte,
een ongeluk of de dood wacht je op! Maar uiteindelijk kan de zoeker
door schade en schande wijs geworden criteria opstellen voor zijn
idolen. De kern van de hele les ligt in het toepassen van blijmoedige
bescheidenheid, zoals de I Tjing het zo prachtig stelt. In de
Joods-Christelijke traditie zijn we beladen met het begrip het uitverkoren
volk, maar ook Bhagwan 'Osho' Rajneesh noemde zijn discipelen The
Chosen People. Isis uit Glastonbury doet het nog steeds. De ervaring
leert helaas dat wie fanatiek uitverkoren wil zijn, doorgaans aan
de schandpaal eindigt.
Rosemary Altea, Stemmmen van de overkant
(Contact met overledenen). De Boekerij, Amsterdam, 1998. Jasmuheen,
Lichtvoeding. Imanuel Publishing, Neerpelt, België. 1998. Barbara
Marciniak, Brengers van de dageraad. Petiet, Laren 1997.
Anita van der Meer, De uitverkorenen (Reisverslag van een veranderende
wereld). Terra Magica, Lelystad 1999 (0320-257505).
Phyllis Schlemmer, De uitverkoren planeet. Ankh-Hermes, Deventer 1995.
terug
3. De 81e Tarotkaart (over
het gevaar van orakelen en het nut van een extra waarschuwingskaart)
(Artikel in Bres 225, april 2004)
Ben ik wel op de goede spirituele weg? Waar sta ik in de wereld? Het
gezonde, realistische verstand komt er niet uit en om de een of andere
reden is je intuïtie even geblokkeerd. Tienduizenden pakken
er tarotkaarten bij. Een beetje orakelverslaafd? Een 81 waarschuwingskaart
is een innovatie om jezelf tegen jezelf in bescherming te nemen. Minstens
zeshonderd jaar is de waarzeggerij met kaarten oud. Via onbewuste
herkenning van hun symboliek voel je je aangetrokken door juist die
kaarten die passen bij het onderwerp waar je hulp in zoekt. Maar de
tijd van mysterieuze dames met hoofddoekjes en kristallen bollen in
achterafkamertjes, woonwagens of op de kermis is definitief voorbij.
De vraagsteller kan tegenwoordig bijna alles zelf. Via internet kun
je gratis Tarotleggingen laten doen en die software draait ook op
je thuiscomputer. Het kaartorakel is zelfs ontdekt door de damesbladen
en de televisie. Er bestaat sinds 1995 een Beroepsvereniging voor
Tarotisten en het SUW-Instituut in Nijmegen biedt een tweejarige beroepsopleiding
Tarotist aan, die toegang geeft tot professioneel therapeutisch werken
met deze techniek. Een mooi Tarotspel is een hoog gewaardeerd verjaardagsgeschenk.
Het meest populair is een spel uit 1910 van Arthur Edward Waite van
de Engelse uitgeverij Rider. Was een Tarotlegging vijftig jaar geleden
al totaal anders dan nu, moderne interpretaties verschillen ook soms
hemelsbreed. Gerenommeerde buitenlandse auteurs als Evelin Buerger
& Johannes Fiebig, Mary Greer, Hayo Banzhaf, Marcia Masino
en Rachel Pollack en vaderlandse schrijvers als Karen Hamaker-Zondag,
Renée Maas en Adriaan Krabbendam geven vaak volkomen verschillende
verklaringen van bepaalde kaarten. De ene visie is meer gebaseerd
op de mythologie, de andere op een bepaalde filosofische of occulte
stroming. Heel oud is de Tarot van Marseille (16e eeuw),
nog ouder die van Visconti (15e eeuw), nieuw is ‘De
Spiegel van de Ziel’ van Gerd Ziegler, die ideeën van Osho
Rajneesh knap heeft gekoppeld aan de Tarot van Crowley. Soms bepaalt
het enthousiasme van een bepaalde ontwerper ook veel van de uitleg.
Dat is bijvoorbeeld het geval met de Alice in Wonderland Tarot. Hele
nieuwe toepassingen, zoals de Inner Child-kaarten uit 1992, of zoals
de Japanse interpretatie Ukiyoe uit 1983 zijn in korte vrij populair
geworden evenals El gran Tarot esoterico van de Spanjaard Luis Peña
Longa De Tarot van de overleden Spaanse kunstenaar Salvador Dalí
is een kunstzinnig huzarenstuk.
DIEPGANG
Het gaat beslist niet meer om even wat toekomst voorspellen. Een hedendaagse
Tarotist(e) zoekt minstens diepgang, zelfonderzoek, zingeving en spiritualiteit.
Helderziend hoef je er niet voor te zijn, wel is het handig als je
je intuïtie durft te gebruiken en enige levenservaring hebt.
Alle genoemde schrijvers onderwijzen diverse legpatronen. Populair
is het zogeheten Keltisch Kruis (zie het kader). Ook kun je specifiek
een orakel op liefdeszaken, werkperspectief of je blinde vlek vragen
(zie het kader). De meeste auteurs volgen helaas de overbekende tradities
binnen een spel van 78 kaarten. Gelukkig zijn er nieuwe ontwikkelingen,
die de Tarot aanpassen aan onze moderne onzekerheden maar ook aan
de verandering in onze levensbeschouwing. Onno en Rob Docters van
Leeuwen veranderden in hun boek De Tarot in de herstelde orde uit
2003 niet alleen de traditionele volgorde van de kaarten, ze beschreven
bovendien twee extra kaarten in de Grote Arcana, die daarmee tachtig
kaarten gaat tellen. Hun Jupiterkaart, oorspronkelijk in de Zwitserse
Tarot de Paus of Hiërofant, verwant met het goddelijke, kosmische
vaderprincipe, krijgt de betekenis van universele,
objectieve Waarheid. Hun Junokaart, oorspronkelijk in de
Zwitserse Tarot de Pausin of Hogepriesteres, het principe van de stoffelijke,
gematerialiseerde Aardegodin, is ingevoegd als een aparte
kaart voor subjectieve Intuïtie. Deze wijsheid omtrent de
wenselijkheid van 80 kaarten dateert al van veel eerder. Zo bracht
de beruchte Engelse kabbalist en occultist Aleister Crowley in
1944 ook al zo’n uitgebreid spel uit, het Boek van Toth. Naast
de ‘gewone’ Magiër, die staat voor wilskracht en
visionair handelen, toont Crowley een kaart voor een Witte Magus als
archetypisch symbool voor onthechten en Verlichting. Tegelijk beschrijft
hij diens tegenhanger: de Zwarte Magus. Die representeert de
moraalloze Tovenaar, die eveneens verlicht is maar tegelijkertijd
het idee van goed en kwaad heeft losgelaten. Deze donkere kaart waarschuwt
je onder andere voor verslavingen aan astrale macht, seks, drugs en
eigenliefde, zaken waar Crowley en zijn aan opium verslaafde
vriendin Frieda Harris (de tekenares van zijn kaarten) zelf aan onderdoor
gingen. Helaas, we zijn nog steeds niet verder dan tachtig kaarten.
Numerologisch gezien brengt pas 81, het kwadraat van het eindgetal
9, een spiritueel verantwoorde completering. Ik pleit voor de functie
van waarschuwingskaart. Een innovatie. Kan er dan zo veel verkeerd
gaan? O ja. NIET VOOR JEZELF< Adriaan Krabbendam stelt in zijn laatste
boek onomwonden: “Af te raden is de kaarten voor jezelf te leggen,
aangezien het onnodige verwarring en angsten kan oproepen. De second
opinion van een gesprekspartner of interpretator is onmisbaar bij
het duiden – zelf zul je niets anders zien dan hetgeen je altijd
al vreesde of hoopte.” Allemaal waar, maar maak dat de gemiddelde
Tarotgebruiker maar eens wijs… Renée Maas waarschuwt
ook voor het gebruik van omgekeerde kaarten (waaraan meestal meer
negatieve betekenissen worden toegekend). “Dat werkt onverstandig
polariserend,”schrijft ze. Het grote voordeel van omgekeerde
kaarten is de verfijning van je duiding: je hebt immers met die werkwijze
156 in plaats van 78 interpretatiemogelijkheden. Het nadeel is dat
je met een pessimistischer levensinstelling gauwer donkerheid ziet
dan de kaarten op zichzelf misschien rechtvaardigen. Het onderwerp
kan te veel emotioneel beladen voor je zijn, eigenlijk heb je griep
of het is gewoon het verkeerde astrologische uur! Dan gaan duistere
krachten regeren, innerlijk of buiten jezelf. Een labiele buurvrouw
stond eens trillerig op mijn stoep omdat ze al een uur met alleen
maar moeilijke Zwaarden-kaarten in haar hand zat. Wat er in Godsnaam
met haar aan de hand was? Ik kon haar ellende gelukkig een beetje
relativeren: “Teveel kaarten trekken stapelt meestal vooral
je eigen onzekerheden bovenop elkaar, Marian!” Maar ik dacht
er ook bij: ‘Je hebt door jouw angstzweet wat psychische lifters
aangetrokken of zoiets.’ Dat kan namelijk allemaal. Door schade
en schande wijs geworden durf ik wel te stellen dat elke (over)gevoelige
Tarotist baat heeft bij een ondubbelzinnig waarschuwingssignaal, vooral
als je het type bent dat neigt naar een orakelverslaving!
WAARSCHUWING
Je kunt bijvoorbeeld de verschijning van de omgekeerde Dwaas
als waarschuwing beschouwen om op te houden. Schort je psychologische
onderzoek voorlopig even op en ga een wandeling maken! Wie specifieker
aan de slag wil, kan de twee witte kaarten gebruiken, die de uitgever
in de meeste Tarotkaartspelen heeft bijgevoegd. Lak de oorspronkelijke
opdruk met witte correctielak weg en markeer dan deze eerste extra
kaart als WAARHEID met als affirmatie Hier en nu zijn, niet
meer bang en authentiek mijzelf. Dat is zoiets als een steuntje in
de rug: nu ben ik absoluut op de goede weg. Op de tweede witte kaart
kun je INTUïTIE schrijven met als affirmatie Ik luister
naar mijn Hoger Zelf of Gids (als je daar in gelooft tenminste). Komt
die kaart echter ondersteboven te liggen, dan is dat als een perfecte
waarschuwing voor overschaduwing en zelfmisleiding te beschouwen.
In een interview vertelde Renée Maas mij: “Het zou een
prachtige ontwikkeling zijn als een uitgever een geheel nieuwe, 81ste
kaart aan een spel zou willen toevoegen met een nieuwe afbeelding,
een nieuw symbool en een nieuwe betekenis.
Voorlopig kan een wantrouwige Tarotist altijd
uit een gelijksoortig, ander spel een 81-ste kaart halen die voor
hem krachtige waarde heeft. Voor de een is dat de Aas van Staven,
een ander vindt wellicht de Magiër het meest toepasselijk.
Noteer op die plaats van deze omschrijving met behulp van een cassettestickertje
dan het woord WAARSCHUWING. Verschijnt die kaart rechtop,
zet dan door op het onderwerp maar met maximale alertheid. Als deze
kaart echter omgekeerd verschijnt, leg dan het spel weg. Iets
is je dan gewoon te groot.
Elk mens wordt vroeg of laat met zijn of haar beperkingen geconfronteerd.
Veel mensen die met magische fenomenen bezig zijn, roepen nadrukkelijk
dat ze alleen met witte magie werken. Dat is juist hun onwetendheid.
Alle magie brengt je in contact met wit èn zwart. De Tarot
laat je beslist ook je schaduwkanten zien. En verder blijft dit
het meest fabuleuze instrument voor zelfonderzoek, dat ik ken.
Peter den Haring Kaderteksten.
INDELING VAN DE TAROT
De Tarot kent twee delen. De grote Arcana (het Latijnse woord voor
geheimen) van 22 tot 25 kaarten bevat archetypen en basissymbolieken
uit de mystiek. De kleine Arcana (waaruit ons gewone kaartspel is
ontstaan) kent 56 kaarten, die op basis van de vier alchemistische
elementen zijn ingedeeld. Vuur is Staven (Klaveren) geworden
(energie, kracht, activiteit en ideeën), aarde zien
we terug als Pentagrammen (Ruiten), ook wel Schijven genoemd (geldzaken,
materie, nuchterheid, concreet en praktisch handelen , Lucht
benoemt de ene auteur (Renée Maas) als Zwaarden, onze Schoppen,
(intellect, onderscheid, diplomatie en tact), maar de andere (Adriaan
Krabbendam) brengt juist water onder bij Zwaarden. Voor Maas
vertegenwoordigen echter Bokalen (Harten)onze gevoelens, introversie,
verlangen en ontvankelijkheid en daarmee het element water. De betekenis
van deze vier series van 10 zogeheten ‘numerieke’ kaarten
is onder andere ontleend aan de Kabbala, de Joodse symbolische getallenleer.
Ze worden aangevuld met vier maal vier zogeheten Hofkaarten (Schildknaap,
Ridder, Koningin en Koning). Hun betekenis is vooral gebaseerd op
gedrag, vermogens en uiterlijk, soms op iemands leeftijd. Een Koning
kan de mannelijke kant van een vrouwelijke persoonlijkheid symboliseren
–haar animus- en een Koningin de vrouwelijke kanten
van een mannelijke persoonlijkheid –zijn anima In De Tarot
uitgelegd van Renée Maas worden maar liefst dertig boeiende
leggingen toegelicht. Na het schudden en couperen dien je een vooraf
bepaald aantal uitgekozen kaarten in een bepaalde figuur te leggen.
Leuk als je het boek erbij hebt, maar lastig te onthouden zonder.
Makkelijker is om gewoon steeds elke vraag op te schrijven, dan
de betreffende kaart om te draaien en het antwoord(de interpretatie
van de kaart) achter de vraag te zetten. Zo’n Tarotdagboek
blijft uiterst waardevol als je nog eens wilt terugkijken in de
tijd. Ik heb mijn vijf favoriete leggingen voor je uitgediept.
De MacCarthy-legging is een praktische vraaglegging om concrete
adviezen te krijgen in combinatie met aanraders en afraders. Vraag/kaart
1: Waar gaat het om? Waar sta ik? Wat wil ik wezenlijk bereiken?
Vraag/kaart 2: Wat geef ik mezelf voor advies in deze situatie?
Vraag/kaart 3: Wat moet ik juist niet doen in deze situatie? Vraag/kaart
4: Mag ik een nadere toelichting op dit advies? Vraag/kaart 5: Mag
ik een nadere toelichting op deze afrader? Vraag/kaart 6: Maakt
iets het mij moeilijk om dit positieve advies in te nemen? Vraag/kaart
7: Heb ik er blinde vlekken of onbewuste weerstanden op deze afrader?
Draai kaart 2 en 3 tegelijk om en onderzoek hun tegenstelling. Doe
dat ook bij 4 en 5 en daarna bij 6 en 7. De zogeheten drieslag
komt in veel variaties voor. Je moet de kaarten één
voor één omdraaien en ook zo duiden.
Legging A: Huidige tendens.Vraag/kaart 1: Wat komt er in
de nabije toekomst naar mij toe? Wat is voor mij van belang de komende
paar weken? Vraag/kaart 2: Wat maakt dat bij mij wakker? Hoe ga
ik daarop qua gevoel reageren? Vraag/kaart 3: Hoe moet ik er op
handelen? Wat is er mee te doen?
Legging B: Tijdsinvloed. Vraag/kaart 1: Uit welk proces is
mijn huidige situatie of probleem voortgekomen? Vraag/kaart 2: Hoe
ziet het een en ander er op dit moment voor mij uit? Vraag/kaart
3: Wat gaat het worden? Hoe zal de toekomst op dit terrein er uit
zien? Legging C: Blinde vlek. Vraag/kaart 1: In wat voor
proces zit ik met betrekking tot die zaak, probleem of relatie?
Vraag/kaart 2: Waar zit mijn blinde vlek? Wat wil ik eigenlijk niet
weten? Vraag/kaart 3: Wat moet ik doen om boven mijn weerstand of
onbewustheid uit te stijgen? De zogeheten Mens-legging omvat
vijf kaarten. Vraag/kaart 1 (het hoofd): Waar ben ik in de geest
of qua mentale activiteit mee bezig? Vraag/kaart 2 (de linkerarm):
Wat voel ik van binnenuit, vanuit mijn hart al wel, wat de buitenwereld
(nog) niet ziet? Vraag/kaart 3 (het linkerbeen): Waar kom ik vandaan?
Wat kan ik al loslaten? Vraag/kaart 4 (het rechterbeen): Waar moet
ik heen? Wat geef ik mezelf voor advies? Vraag/kaart 5 (de rechterarm):
Hoe handel ik in deze situatie? Hoe ben ik hierin actief? Voor een
gevarieerde toelichting op je (hele levens-)situatie is het Keltische
kruis nog altijd het meest in trek. Vraag/kaart 1: Waar heb
ik mee te maken in deze situatie? Waar gaat het om in de kern? Vraag/kaart
2: De hindernis. Waar knelt het? Waar zit de zere plek? Vraag/kaart
3: Wat wil je en/of wat heb je er voor over? Vraag/kaart 4: Waar
twijfel ik aan? Waar heb ik al eerder moeite mee gehad? Vraag/kaart
5: Wat zat er in mijn recente verleden dat deze situatie heeft veroorzaakt
of tot stand gebracht? Vraag/kaart 6: Wat mag ik voor de komende
tijd (3-6 maanden) verwachten? Hoe ontwikkelt dit zich in de toekomst?
Vraag/kaart 7: Angsten. Wat vind ik moeilijk? Waar ben ik bang voor?
Waar loop ik liever voor weg? Vraag/kaart 8: Hoe denkt de omgeving/de
ander er over? Vraag/kaart 9: Hoop. Wat wil ik, wat denk ik te kunnen
bereiken? Wat hoop ik in de kern? Vraag/kaart 10: Welk advies heb
ik nodig, lettend op de uitkomst van kaart 1,2 en 6? Internet:
www.onkruid.nl/orakels/tarot; www.tarotonline.nl; www.free.tarot-reading.nl; www.tarot.com; www.tarotpage.com
Literatuur: Tarot. David V. Barrett, Uitg.
Bosch en Keunig, Baarn 1996.
De Tarot in de herstelde orde. Rob en Onno Docters van Leeuwen.
Uitg. Servire, Utrecht 1999.
De Tarot uitgelegd. Renée Maas. Uitg. Kosmos Z&K, Utrecht
2000.
De beeldspraak van de Tarot – een speurtocht in het onmogelijke,
Adriaan Krabbendam, Altamira-Becht, Bloemendaal 2003.
terug
4. Tantrische Seks (ervaringen
in India met Margo Anand)
Die Goddelijke Gemeenschap en de angst van de man voor de volheid
van de vrouw
Mannen en vrouwen verschillen enorm in hun beleving van seks en
liefde. Met Tantra Yoga kunnen ze elkaars tekorten aanvullen en
platte lust transformeren tot een spirituele dimensie. Zo opgewekte
seksuele energie kan gaan circuleren en ook het hart openhouden.
De man vindt dat het engst. Tantrische handboeken helpen wel maar
in de relatiepraktijk blijft het ploeteren Ze worden ordinaire macho’s
genoemd, de jolige bouwvakkers die obsceniteiten roepen naar iedere
aantrekkelijke voorbijgangster. De saaie managers die tussen de
middag even discreet een privé-huis bezoeken,kunnen hun status
van keurig en rationeel manspersoon makkelijker bewaken. Volgens
de Franse psychologe Margo Anand Naslednikov (1945), auteur van
diverse Tantrische handboeken, is de eerste categorie liefhebbers
het meest in contact met de eigen mannelijkheid. Mannen zijn ver
afgedwaald van hun oorspronkelijke kwaliteiten en dat doet ook de
vrouwen tekort, vindt zij. “Mannen hebben ons iets te geven,
het beste van wat ze hebben. In de patriarchale cultuur zijn ze
echter vooral van ons gaan nemen.” Helaas, als de vrouw niet
erkend wordt in haar basisnatuur van levenbrengende liefde, dan
wordt ze de feeks, die haar intuïtie zal gebruiken om de man
ongenadig te straffen. Want de vrouw weet de wezenlijk zwakke plekken
van de man, terwijl hij alleen maar dènkt dat hij de hare
kent. Zo wordt zijn seksleven een last en zijn samenleven een hel.
In 1979 nam ik deel aan één van Margo’s Tantra-workshops
in de ashram van Bhagwan (Osho) Shree Rajneesh in de Indiase stad
Poona.Ik was toen 33. Na die week nodigde ze mij uit in haar appartement
‘to have a cup of tea.’ Wierook, mooie muziek en wijn,
ze had aan alles gedacht. Terwijl ze zich langzaam en verleidelijk
voor mij ontkleedde, legde ze me uit waarom in die ashram de vrouwen
de mannen vroegen. Volgens het biologische, prehistorische archetype
zijn mannen zaadverspreiders, die in principe seks met elke vrouw
aangaan die maar bereid is. Ze beoordelen op hun ogen en op een
paar simpele, mentale normen: ‘Is haar uitstraling lekker
en goed voor mijn status, kan ze koken en een vruchtbare, zorgzame
moeder zijn?’ Wij vrouwen selecteren vooral op onze intuïtie.
Mijn instinctieve teeltkeus valt vooral voor jouw gezondheid en
je kracht. In noodgevallen kan jij mij beschermen. Ik kijk naar
je elegantie, je ‘présence’. Je bent een goede,
inventieve danser. Fijn. Die zijn meestal ook interessanter in bed!
Een vrouw let op hoe de energetische aanwezigheid van een man aanvoelt.
Ze kijkt ook of jij je leven zakelijk en materieel op de rails hebt.
Want dat is een uitstekende aanwijzing voor je betrouwbaarheid en
voor je vermogen om alert in het hier en nu te zijn. Als vrouwen
het initiatief voor seks nemen, is det energetische verbinding altijd
beter. Ik weet wat ik zie en wat ik wil. Als ik jou vraag, ben je
gevleid. Je vindt het toch leuker om met een opgewonden vrouw te
vrijen, iemand die al een paar dagen zin in jou heeft, dan met iemand
die jij hebt moeten paaien met cadeaus en toekomstbeloften? Nietwaar?”
Helemaal waar, dacht ik, terwijl Margo me gulzig begon te zoenen.
Technische vaardigheid Technisch gesproken bedreven we daarna vaardig
de liefde. Ik hield knap mijn orgasme een keer of vijf tegen en
volgde haar nuttige Tantrische aanwijzingen op. “Verplaats
je aandacht van je penis naar andere plekken in je lichaam. Voel
dan weer het geheel. Laat je niet mee nemen in je egocentrische
geilheid, blijf aandacht houden voor mijn bewegingen en mijn ritme!”
Dat werkte allemaal schitterend. Meer moeite had ik met haar verlangen
om samen diep en gelijktijdig te ademen, want ze rook verschrikkelijk
uit haar mond. Vanwege haar hoge status als zelfverzekerde en succesvolle
therapeut weerhield mijn onzekerheid me haar dat te vertellen. Ik
deed goed mijn best maar hield ook wijselijk mijn hoofd afgewend.
Na afloop verweet ze mij een typisch mannelijke afgeslotenheid.
“Je durft je gewoon niet over te geven aan mijn hartstocht!
Je doet het hele universum tekort! Terwijl wij samen wonderen van
seksuele magie zouden kunnen neerzetten.” Het werd dus niks
tussen ons. De theorie botste weer eens op de praktijk. Mijn eerste
probleem was dat ik zelf niet graag gekwetst wil worden en van de
weeromstuit een ander niet durf te kwetsen. Geboren met vier planeten
in Weegschaal, dan heb je dat nu eenmaal... Tenminste, totdat je
ouder en wijzer wordt of ervoor in therapie gaat. Mijn tweede probleem
was dat ze gewoon mijn type niet is, ik niet van haar hield of kon
houden. Die ervaring leerde mij dat je, ondanks Tantrische toptechnieken
toch niet echt het wonder in kan als er niet minstens een béétje
verliefdheid speelt. Voor echte extase moet mijn penis voluit in
verbinding met mijn hart staan. In die tijd draaide Margo de boel
nog ietwat om met de gedachte dat bewuste aandacht voor de seksuele
Kundalini-energie vanzelf het hart zou moeten raken. Margo’s
latere boeken zijn zeker een zegen voor de wereld. Liefde alleen
is niet genoeg, stelt ze nu. Seks kan een spirituele en goddelijke
gemeenschap zijn maar helaas is voor dat proces veel lijfelijke
oefening nodig. Je moet bovendien leren om negatieve gedachten te
herkennen en los te laten, je geest vredig en geduldig te krijgen.
Ontspan je lichaam, leer meer te voelen en meer te vertrouwen. Geef
mondeling expressie aan die gevoelens, gebruik je stem en vooral:
haal adem! Durf onder te duiken in het spirituele proces van zelfonderzoek.
Concentreer je op aanwezigheid, mededogen en helderheid. Maak met
je partner een liefdestempel van je slaapkamer en creëer een
heilige ruimte rond je seksuele beleving. Dat klinkt goed. En spiritueel.
Toch las ik ook in haar boek Tantra, de weg van extase
hoe het Margo gelukt was om met haar favoriete vorm van magie tegelijk
de materie naar haar hand te zetten. Auto’s, huizen, mooie
spullen en verre reizen. Ik moest aan de magische principes van
Avatar en Scientology denken. Overvloed creëren in je eigen
werkelijkheid. Geneer je niet, haal naar je toe wat goed voor je
is en dat is dan goed voor de hele wereld. Echt? Ik geloof niet
dat dat iets met spiritualiteit te maken heeft. Die samengevatte
oefeningen uit haar bestseller De Magie van Tantra,
uitgebracht onder de titel Intimiteit en extase,
kunnen elk stel meer genot brengen en helpen om ook het hart open
te maken en te houden. Maar dat uitspreken van je gevoelens, durven
we dat ook? En kritiek hebben en ruzie maken? Kortom, mag je zijn
van je partner wie je werkelijk bent? Dat is steeds de flessenhals
in de weerbarstige relatiepraktijk, waar vooral leed ontstaat door
een veel voorkomende neiging tot hinderlijke verbeterzucht. Ineens
steken de primitiefste reacties de kop op. De mannen gaan je jennen,
voeren, onderdrukken of de altijd beter wetende, dominante pappie
spelen, de vrouwen gebruiken emotionele chantage en valse pesterijtjes.
Ze gaan je straffen met het terughouden van zorg en seks. De bedoelingen
beginnen goed en dan worden de knoppen ingedrukt. Je partner lijkt
in bepaald gedrag ook op je vader of moeder. Hoe hèb je het
zo uit kunnen kiezen?! Waar je als kind niet mee om kon gaan,
wordt nu met die partner uitgekristalliseerd. Tot zover speelt er
nog een groeizaam proces. Helaas zullen de structurele gedragsverschillen
tussen man en vrouw de gewenste communicatie over al die prikkelingen
verstoren. Mars en Venus Mannen komen van Mars en vrouwen van Venus,”
schreef John Gray al. De man heeft momenten van terugtrekken nodig,
de vrouw wil altijd en overal over communiceren en het moet ook
meteen diep gaan. Voor hem is de emotionele volheid van de vrouw
vaak te veel. Hij zal het al snel drama noemen en zij vindt hem
te veel in zijn kop zitten. Eigenlijk wil manlief niet gestoord
worden door al haar stemmingen, door haar maalstroom van fantasieën
en romantiek. Maar wat zou hij zijn zonder haar? Hoe zou hij zijn
eigen vrouwelijke kanten moeten leren kennen? Wat was hij zonder
haar intuïtieve feedback? En wat zou zij zijn zonder zijn humor
en vooral zonder zijn persoonlijke, herhaalde bevestiging van haar
fysieke zelfvertrouwen. Want misschien zit hij teveel in zijn kop,
maar zij leeft in haar lichaam. Elk rimpeltje, plooi of puistje
kan haar wereld doen instorten. Zij moet mooi zijn en stralen. En
ze weet dat ze dat het mooist doet als hij haar toegewijd bemint
en bevredigt. In 1990 en 1991 begeleidde ik zelf met een Braziliaanse
vrouwelijke psychiater, Zina Voltis, een aantal Tantra-workshops
in Rio de Janeiro. De Zuid-Amerikaanse machocultuur is een voorbeeld
van archetypische rolverdeling, maar er speelt ook een structurele
kloof tussen arm en rijk. In onze groepen viel het verschil tussen
de seksen vaak keihard op. We hadden veel niet welgestelde maar
wel spirituele vrouwelijke deelnemers en diverse rijke maar volstrekt
niet op bewustzijnsverruiming ingestelde mannen. In rondjes ‘Eerlijke
antwoorden’ bleek nog weer eens verbijsterend hoezeer er onbewuste
of bewuste economische en sociale deals meespeelden in hun relatieleven.
“’t Is een mooie vrouw, met wie ik voor de dag kan komen,”
zei Joao over zijn echtgenote Sylvie. “Verder val ik voor
billen en kookkunst. Ze is de perfecte gastvrouw en zo iemand heb
ik nodig voor mijn werk.” Een goed gesprek over de zin van
het leven vond hij niet nodig. Daarvoor ging hij liever een paar
keer per jaar naar een therapeut… Sylvie was niet minder
hardhandig naar Joao: “Hij had al geld toen ik hem ontmoette
en ik wist dat zijn type in staat was nog veel meer te verdienen.
Ik wou mijn kinderen een rijke, zekerheid biedende vader geven.
Wel of geen genot in bed, dat kon mij toen niets schelen. Daarvoor
heb ik, net als al mijn vriendinnen later een minnaar gezocht.”
Projectie van een negatief ervaren ouder leidt bijna automatisch
later tot conflict. Als pa of ma je kwaliteiten en je seksualiteit
niet zuiver erkend heeft, of je onvoldoende veiligheid heeft geboden,
dan moet je geliefde dat immers allemaal compenseren. Vrouwen ervaren
dat ze tekort komen doorgaans heftiger en bewuster dan mannen. Ze
vòelen immers hun leegte, pijn en behoeftigheid. Hun lichaam
voelt als hol en ze zullen het vol en bol willen maken met zoetigheid,
voedsel en desnoods met een kind. Als een vrouw niet krijgt wat
ze nodig heeft van een man, kan ze hopeloos verslaafd raken aan
compensaties: roken, drinken, snoepen, snacken, opmaken, kleren
kopen en babbelen. Mannen vluchten eerder in hun werk, maar kunnen
ook onmatig gaan drinken of gokken. Soms gaan ze patsen met geld
of worden ze agressief in het verkeer, op het voetbalveld of in
het café. Een man moet zich echt oefenen om emotioneel open
te blijven en in contact met zijn hart. Dat is een moeilijke weg.
Een ervaren minnaar weet dat zijn tepels sterke erogene zones zijn.
Als je zo’n prikkeling tenminste toelaat. Want dat beroert
ook je hartstreek. Kun je dat aan? Veel mannen hebben liever seks
met een vrouw van wie ze niet houden. Zij wordt dan het opvangbekken
voor zijn spanning. Hoe zij zich van die lading bevrijdt (meestal
via een pijnlijke menstruatie), zal hem een zorg zijn. De meeste
mannen in onze groep vonden werk en succes belangrijker dan liefde.
Intimiteit stond helemaal niet bovenaan hun verlanglijstje. Wel
wilden ze aandacht voor hun lichaam. Eerst een orgasme, dan een
massage en dan lekker slapen, dat was het ideaal. Roberto bekende
openlijk dat hij de eerste twee zaken moeiteloos bij prostituees
kon krijgen en dat hij na zijn scheiding thuis een fijn tweepersoonsbed
had, eindelijk voor zich alleen. Bovendien waren de prostituees
doorgaans beter in bed dan zijn twee voorgaande echtgenotes. Wat
zijn leven boeiend maakte, was het contact met andere mannen. Zakelijke
uitdagingen, samen sporten, feedback en tips, dat was daar allemaal
ruimschoots in de aanbieding, vond hij. Dat beaamden ook andere
mannen. Vincente: “Vrienden geven je opbouwende kritiek, vriendinnen
specialiseren zich al snel in afbrekende en manipulerende kritiek.
Vrouwen die een beetje gefrustreerd raken, duiken direct in hun
zwarte heksenkant. Mannen blijven eerder de humor van een situatie
zien. Mijn vriendin Rosie heeft onmiddellijk een waslijst met al
mijn vroegere fouten bij de hand. Ze heeft de betreffende data en
de plaatsen er precies bij onthouden. Ik kijk liever naar de toekomst.
Ik vraag me af wat er op dit moment nog te redden is.” Plannenmakers
Die reactie is symptomatisch. De meeste mannen zijn plannenmakers,
die graag hun mentale capaciteit onderzoeken. Een man let op perspectief,
hij kan de mogelijkheden van situaties visualiseren en is geneigd
om problemen efficiënt en redelijk op te lossen. Als dat niet
lukt, kan hij makkelijker relativeren en zelfs spotten met het noodlottige
gebeuren en zijn eigen onmacht. Vrouwen voelen in en voelen mee.
Alles gebeurt eerst in buik en hart. John Gray tipte onomwonden:
“Mannen, vrouwen willen alleen dat je naar hen luistert!”
Ze willen hun probleem niet opgelost zien, ze willen echte aandacht.
“Precies. Als Sylvie geen aandacht krijgt, gaat ze problemen
creëren,” riep Joao geïrriteerd. “Jij schijt
in je broek als je maar even de controle dreigt te verliezen,”
antwoordde Sylvie minachtend. “Jij bent bang voor mijn diepe
verlangens. Maar in feite ben je er jaloers op. Kon jij je maar
eens overgeven! Kon jij maar eens in je hele wezen ontspannen. Dan
zou je ook in iets van goddelijkheid in het universum gaan geloven.
En omdat je daar bang voor bent, ga jij ieder vrij moment naar het
voetballen op tv kijken of je gaat achter je computer een spelletje
zitten spelen. De meeste mannen zijn toch kinderen? En ze willen
het blijven ook!”
Een even felle Joao: “Nee, jij probeert mij klein te maken.
Dat deed mijn moeder ook al!” Deze verwijten zullen veel mensen
herkennen. De kern is dat de man evenwichtig van zijn moederbinding
af moet en van kind man worden. Hij heeft lang geankerd op de aardsheid
van zijn moeder en als jong-volwassene moet hij zijn eigen gronding
neerzetten. Zijn mentale gerichtheid maakt dat hij moeite moet doen
om werkelijk bewust in zijn lichaam te komen. Een natuurlijke oplossing
is die van beweging en gevaar zoeken. De man ging in de oudheid
op jacht of de oorlog in. Nu gaat hij joggen, sporten of een krijgskunst
beoefenen. Ook seks valt onder de pogingen om beter in zijn lijf
te komen. Ondertussen masturbeert hij op allerlei sappige fantasieën
(film- of pornosterren scoren hoog) maar zelden op werkelijk beleefde
zaken of op een reële partner. Een echte liefdesverbinding
maken valt hem niet mee. Meestal lift hij goedkoop mee op de sterke
gevoelens die zijn verliefde partner voor hem heeft. Dan kan goed
gaan, maar als haar verlangen hem te bindend wordt, wil hij onmiddellijk
de ruimte weer in. Vrijheid! Vrijheid! Want dat is het oeroude jagersinstinct.
De buitenlucht heeft hij nodig. En het idee van andere vrouwtjes.
Mannen zijn zaadverspreiders, legde Margo Anand al uit. Ze willen
hun genen in een zo’n groot mogelijk gebied uitzetten. Mannen
schijnen altijd te moeten,” zei een boze Rosie tegen de groep.
“Zonder orgasme hebben ze geen zelfrespect.” Ik denk
dat er een misverstand aan die visie ten grondslag ligt. Mannen
zoeken achter en door middel van seks de liefde waar vrouwen patent
op lijken te hebben. Wellust Onze cultuur legt veel nadruk op de
mannelijke wellust, die egocentrisch wordt genoemd. Een man raakt
gemakkelijk opgewonden van de vrouwelijke buitenkant, van haar uitstraling.
Hij wil dichtbij komen, haar (tijdelijk) bezitten. Allemaal waar.
Een rol speelt ook dat hij via de erkenning van een vrouw feitelijk
erkenning van zijn moeder zoekt. Hij wil dat mammie van hem houdt
en hem tegelijkertijd vrij laat, los laat. Hoe moeizamer de relatie
met zijn moeder was, hoe krampachtiger hij inderdaad zal zoeken
naar vervangende vrouwelijke goedkeuring. Vanuit die onderliggende
emotie zal een man vaak seks willen. Vincente: “Ik zoek met
seks ook ontlading van mijn spanning. Werkstress maar ook stress
met Rosie. Ik zoek zo openingen als ik met praten niets bereik.
Dat is allemaal waar. Ik moet weer even voelen waarom ik van haar
houd. Dat gebeurt altijd als ze zich voor mij opent. Dan wordt ze
intens hartstochtelijk, ze kronkelt, zweet, schreeuwt en scheldt
en ze komt een paar keer klaar. Dat fascineert me en ik ben er ook
jaloers op. Ik geloof niet dat ik dat ooit zal meemaken, zo’n
langdurige stroom van genot. Rosie verwijt mij dat ik een beetje
onderkoeld in bed ben, maar ze vergeet dat ik terecht bang ben om
te snel klaar te komen.” Tantraworkshops vereisen veel eerlijkheid.
Het gaat niet alleen om verbetering van de techniek maar ook om
hoe je voor je echte behoeften uitkomt. In hun teleurgesteldheid
kunnen vrouwen de vreselijkste dreigementen uiten. Roy: “Mijn
ex kon twee keer per week roepen dat ik blij moest zijn dat ze niet
met de mooie Griek uit het restaurant naar bed was gegaan of met
mijn golfmaat of met de krantenjongen. Misschien niet gemeend, maar
ik kon de competitie met heel mannelijk Rio de Janeiro niet meer
aan.” Omgekeerd zijn vrouwen al snel dodelijk gekwetst als
hun partner wordt betrapt op contacten met jongere en mooiere dames.
Lourdes: “Hij hoeft mij niet te vertellen wat zij heeft dat
ik niet heb. Ik houd van hem, zij niet. Maar hij vergeet direct
ons hartscontact als zo’n snol met hem flirt.” Niet
iedereen heeft tactisch talent. Met dwingende vingergebaren legde
Inez bijvoorbeeld uit wat ze verwachtte van haar partner Victor:
“Een goede minnaar is dienstbaar aan mijn behoeften. Ik wil
dat hij lieve dingen zegt. Ik wil horen dat ik de enige voor hem
ben. De lekkerste. En ik wil zijn tijd. Als ik wil, dan moet ik
niet hoeven bedelen om een kwartiertje langer. Ik geef hem mijn
totale liefde en ik wil alle mogelijke genot terug.” Ondanks
zijn gêne over haar demonstratieve eisen bleek Victor, en
met hem de gemiddelde man, het belangrijker te vinden dat zijn partner
klaarkomt dan dat hij zelf zoveel genot ervaart. Er is een diepere
biologische oorzaak van dit fenomeen. Tijdens het vrouwelijke orgasme
trekken vagina en baarmoeder ritmisch samen. Die krampjes pompen
zaad hoog de baarmoeder in, waar de kans op bevruchting het grootst
is. De man krijgt dus het psychische signaal dat hij goed genoeg
is bevonden als vader van haar kind. Dat compliment vindt hij belangrijker
dan zijn genot. Ze houdt van mij, denkt hij en dat is op dat moment
waarschijnlijk ook zo. Vervuld worden De vrouwelijke kant van het
liefdesspel wordt gekenmerkt door het feit dat haar hart zich samen
met haar vagina opent. Zij wil vervuld worden en hij vult haar op.
In de beweging die hij aanbiedt, gaat haar hart sneller kloppen
en straalt ze licht en acceptatie uit. Hij is welkom. Haar ontvankelijkheid
ontspant haar en geeft hem ruimte voor zelfliefde, zelfrespect en
via die route ook voor liefde naar haar. Zij is in het algemeen
romantischer dan hij, geeft zichzelf eerder aan hem weg dan omgekeerd.
Haar verbeeldingskracht kan op hol slaan. Even is hij De Prins Op
Het Witte Paard, haar favoriete filmster en daar kan veel over gefantaseerd
worden. Vrouwen kunnen lang illusies koesteren. “Hij zal wel
a) zachter worden als ik een kind van hem heb, b) stoppen met drinken
als ik genoeg van hem houd c) trouwer worden als we eenmaal getrouwd
zijn enz. Hoe hoger je vliegt, hoe dieper je valt, geldt ook hier.
Vrouwen vinden het doorgaans pijnlijker als ze met de realiteit
van een slechte relatie worden geconfronteerd. De man ontsnapt,
hij gaat weer plezier van zijn vrijheid krijgen, de vrouw is haar
anker kwijt en lijdt onder haar verlies. Margo Anand schrijft dat
het gaat om liefde, toewijding, geduld en overgave. Met Tantra Yoga
kunnen mannen en vrouwen inderdaad elkaars tekorten aanvullen en
platte lust transformeren tot een spirituele dimensie. Zo opgewekte
seksuele energie kan gaan circuleren en ook het hart openhouden.
Heb je eigen lichaam lief en aanbidt het lichaam van je geliefde
alsof het een tempel is. Aanbidt de ziel daarin alsof het God is.
Prachtige theorie maar in het dagelijkse relateren kan ondertussen
cellulitis, herpes of uit je mond ruiken pijnlijke afstand scheppen..In
beginnende relaties moet het stel zoveel praktische obstakels overwinnen,
dat er nauwelijks ruimte voor sensuele en seksuele oefeningen kan
worden gemaakt. Hoe is het als je al heel lang weinig of geen seks
meer hebt, als je partner bijvoorbeeld ziek, gehandicapt of anderszins
kwetsbaar is? Of als de zwangerschap moeilijk is? Als de moeder
erg gefocust is op haar baby? Of als je door een kind in je gezin
je eigen onverwerkte jeugdtrauma’s te verwerken krijgt? Margo
heeft geen kinderen en altijd beeldschone minnaars. De tandarts
heeft inmiddels vast veel goeds gedaan. Spirituele groei vindt plaats
als we leren om in de seksuele omarming onze innerlijke pijn van
afgescheidenheid los te laten en te transformeren. Toelaten dat
je de moeite waard bent voor een ander. Toelaten dat een ander van
jou geniet. Genieten van het genot van de ander. Dat is een lichamelijk
en geestelijk proces. Tegelijkertijd moet je diep beseffen dat je
nooit elkaars bezit kunt zijn. Dat je nergens rechten aan kunt ontlenen.
Dat geen belofte ooit zekerheid biedt. Dat je in wezen op aarde
komt om je schaduwkanten uit te zuiveren en je talenten te optimaliseren.
Tantra kan je doen beseffen dat de ander een schitterende spiegel
biedt. Daar houdt het op. Je bent alleen verantwoordelijk voor je
eigen opdracht of zo je wilt: voor je eigen karma. Ik geloof dat
er weinig terecht komt van spiritualiteit als je verdrongen kinderpijn
groot is en je alsmaar ouderrollen op je partner projecteert.. Liefde
en een boek met Tantrische techniek is niet genoeg. We hebben uitgewerkte
en beproefde gebruiksaanwijzingen nodig, relatietherapie en boven
alles relatie-veringsvermogen. Lachen om je eigen geploeter. Want
in humor boven jezelf uitstijgen, dat verbindt je werkelijk met
God.
Literatuur:
Margo Anand Naslednikov, De extase van het nu, 1987; Tantra,
een weg naar intimiteit en extase 1997;
De Magie van Tantra, 1998; Intimiteit en extase, 2001.
Uitgeverij Altamira-Becht-Gottmer, Haarlem.
Margo Anand is te bereiken op de websites www.skydancingtantra.com
en www.tantra.com
terug
5. Het louterende Manicheïsche
Christendom
Het kwaad wekt het goede op en daarna bevrijdt het goede het kwade”
Uitspraak van Mani
(artikel in Bres 2000)
Het hondje werd Pipo genoemd, een klein reutje van een week of tien.
Het at met zijn zusje Ana uit de zelfde bak. Meestal kregen ze van
hun Indiase eigenaar niet meer dan wat oude pannenkoekjes, chapati's
met wat melk of water. Soms probeerden de ondervoede hondjes nog
wat drinken te schooien bij hun moeder, een ook al ondervoede, witte
teef. Ze was er niet van gediend en grauwde hen weg. Van de honger
gromden de twee hondjes dus vaak dreigend tegen elkaar boven die
gezamenlijke etensbak. De vader van Pipo en Ana lag onder een afdak
al anderhalve week doodziek te zijn, zonder veel medelijden van
zijn baas te ondervinden. Het schouwspel speelde zich begin januari
1990 af op een afgelegen landgoed in de buurt van het Indiase Khajuraho,
het stadje met de beroemde Tantrische beeldentempels. De veertien
deelnemers aan onze spirituele retraite keken het puppyleed met
gemengde gevoelens aan. Op een dag was het ineens bijten en heftig
vechten geblazen. De vrouw die onze reis georganiseerd had, was
het meest stellig over de oorzaak: "Het is de schuld van de universeel
overheersende, agressieve mannelijke energie. Dat hondje, die Pipo
is symbool voor de sfeer die er in onze groep heerst. Veel te mannelijk,
te grof. Ego-verstand dat er uit moet zweren." Hanna Boeschenstein
scherpte haar visie nog eens aan: "Het superieure mannelijke moet
zijn plaats gewezen worden. Die grote reu sterft binnen een paar
dagen en dat zal ook een teken voor jullie zijn."
Oef. Hanna werkte wel erg veel met tekenen. 's Avonds moesten we
in een kring gaan liggen met onze hoofden in het midden en dan kijken
naar en mediteren op de Pleiaden sterrengroep, want daar hadden
we volgens onze groepsleidster alle mogelijke zielenheil van te
verwachten. Hanna zelf werd soms overschaduwd door een duistere
energie die zij als de godin Kali benoemde. We moesten haar ook
plotseling met een nieuwe naam aanspreken: Kalihatti. Er moest veel
in dat kamp. Erg veel. En het werd een steeds serieuzer moeten.
Wie niet in de spirituele pas liep, kreeg na een paar weken straf.
Bijvoorbeeld minder te eten, tot er alleen een dieet van wortelen
en bananen overbleef. En je moest voortaan buiten eten, niet meer
binnen bij de anderen. De volgende fase was dan niet meer binnen
in het huis slapen maar buiten bij de rivieroever. Wie wankelmoedig
of devoot zijn of haar discipelschap bevestigde aan Hanna kreeg
voorrechten. De mannen mochten (moesten) haar minnaar worden, de
vrouwen kregen haar krachtige, liefdevolle, moederlijke aandacht.
Met mijn eveneens gestrafte lotgenoten maakte ik grapjes over dit
moderne New Age concentratiekamp. Toen hadden we de grootste narigheid
nog niet eens meegemaakt. Tja, hoe was het mogelijk dat redelijk
normale, redelijk verstandige mensen verzeild konden raken in zo'n
situatie? Eigenlijk was ons toch een spirituele, culturele vakantie
voorgespiegeld? Met therapeutische ingangen, ja dat had ze wel aangekondigd.
Een intensief drie maanden durend groeiproces. Wel ja. Maar dat
we onze tickets, paspoorten en geld moesten inleveren bij aankomst,
dat was even wennen. Voor de veiligheid, zei mevrouw Boeschenstein;
in het Indiase achterland kon je maar nooit weten... Toen onze eigendommen
in de stalen kast waren weggesloten, werd het spel ineens heel anders
gespeeld. Ergens begrepen we de hele opzet van deze geestelijke
en fysieke beproevingen best. Het ging immers om het loslaten van
ons ego? En natuurlijk moesten we leren onthechten, daar ging het
vooral om. Het spel werd ernst toen Kalihatti een definitieve beslissing
nam omtrent de vechtende hondjes: Pipo moest worden afgemaakt. Het
kleine teefje, Ana mocht blijven, dat was alleen maar lief en slachtoffer,
volgens onze groepsleidster tenminste. Er was mij juist een tegenovergestelde
rolverdeling opgevallen, maar mijn opmerkingen pasten niet in het
plan. En bovendien, ik was al praktisch uit het kamp verbannen omdat
ik te weinig coöperatief was bij het afbreken van mijn ego.
CHARISMA Hanna Kalihatti Boeschenstein (1944) is beslist een superintelligente,
charismatische vrouw. Vast ook mediamiek en vast ook iemand met
een krachtig psychologisch inzicht. Eerdere ontmoetingen met haar
in Nederland hadden me geïnspireerd. Ze is scherp, vol humor
en goed thuis in de esotherische wereld. Ze was al jaren discipel
van Bhagwan Shree Rajneesh, de meeste van haar leerlingen ook. Haar
grootste wens was om ooit met haar leraar in een magisch huwelijk
te treden, hoewel de betrokkene had aangegeven niet meteen van het
idee gecharmeerd te zijn. Het zal wel toeval geweest zijn, dat een
dag na de door haar voorspelde dood van de oude reu ook Rajneesh
stierf, in zijn ashram in Poona, op 19 januari 1990. Kalihatti werkte
met het overschrijden van grenzen en dat was toevallig ook net mijn
hobby. Tot aan de dag dat Pipo moest worden doodgemaakt in een gezamenlijk
ritueel, had ik ook wel vertrouwen in haar therapeutische aanpak.
Ze kon adembenemend briljant zijn, nogal wat minder als ze veel
gedronken had. En dat deed ze elke dag, minimaal een fles wijn,
maximaal een fles wodka. "Om de agressie in de wereld om mij heen
niet zo smartelijk te voelen," zei ze als excuus. Drank had voor
haar in elk geval veel boeiende kanten. Dus moest ik op een avond
in de groep dronken gevoerd worden om anderen de gelegenheid te
geven om gaten te schieten in mijn krachtige egoverdediging, zoals
Kalihatti mijn gedrag geanalyseerd had. Helaas, de ongewone ervaring
(ik drink nooit) bracht mij vooral een lachkick. Ik verkeerde in
de benevelde veronderstelling dat al hun kritiek één
grote, ludieke grappenmakerij was en ik deed daar gewoon mijn vertrouwde
extra dosis zelfspot over heen. Dat werkte dus niet, vond Kalihatti.
Er moest een zwaarder middel aan te pas komen. Het werd een overdosis
XTC, twee avonden later. Drie pilletjes moest ik slikken en na een
kwartier nog onverhoeds en ongevraagd een vierde. Toen ik eenmaal
weerloos was in de immense gevoelsgolf die me overspoelde, brak
de hel los. Aangemoedigd door Kalihatti moest iedere deelnemer mij
confronteren met wat men maar aan lelijks in mij zag. Dit projectie-bombardement
kon aanvankelijk diep binnenkomen, totdat de beschuldigingen te
erg werden en ook niet meer redelijk. Er werden te pas en te onpas
vorige levens bij gehaald. Ik was een duivelse pervert geweest,
een gek en een sluwe moordenaar uit de Italiaanse Medici-familie,
enzovoorts. Plotsklaps belandde ik op de bodem van de put die de
groepswaanzin voor me gegraven had. Ik kreeg een spiegel in mijn
handen gedrukt. "Kijk, naar je demonische kop, Dreckhund," schreeuwde
Kalihatti mij toe in haar geboortetaal, Schweitzer-Deutsch. De spiegel
toonde mij echter geen duivel, geen kwaadwillige, alleen een kwetsbare,
gekwetste man. De XTC bleek van een rampzalige invloed tot een louterende
te transformeren. De MDMA-component die het hart opent, kon weer
stromen. Ik nam niets meer persoonlijk, ik zag de verblinding om
me heen. Kalihatti schold me met een vertrokken gezicht uit: haar
mannenhaat, haar ambitie, haar eigen ontkend zijn groefde diepe
lijnen in het door drank opgezwollen gelaat. Ze gilde het uit: "Er
is maar één oplossing voor jou. Je gaat dadelijk naar
buiten en het bos in. Doe het enige eervolle dat er nog voor je
bestaat: beroof je demonische geest van dit voertuig, dood je zelf...
Wij zullen je lichaam hier verbranden en in Nederland voor je vriendin
en jullie kind zorgen. Jij mag hen nooit meer onder ogen komen!"
Ik werd naar buiten geduwd, de nacht in. Doelloos en in de war liep
ik uren rond, de speed in de XTC hield me aan de gang. Tegen zonsopgang
was het middel uitgewerkt, ik vond steeds meer delen van mezelf
terug. Mijn ziel was in elk geval ongeschonden. De groep was in
stilte blij dat ik mezelf niets had aangedaan maar behalve dat er
wat verbijstering over Kalihatti's vergaande brainwash-techniek
voelbaar was, protesteerde niemand tegen de ontwikkeling. Ze lieten
het proces maar de eigen gang gaan. Het krankzinnige leek al allemaal
zo normaal geworden. HONDJE OFFEREN En toen kwam de laatste dag
van Pipo. Er was een geweer, maar de eigenaar van het hondje wilde
geen dure munitie verspillen. Als de Westerse mevrouw die zijn onderkomen
voor drie maanden gehuurd had, aanstoot nam aan dat hondje, wou
hij het eventueel wel dood trappen. "Nee," zei Kalihatti. "Het is
energetisch onze schuld. Wij moeten er verantwoording voor nemen."
Ik zei dat ik het een extreme oplossing vond. Waarom kon het hondje
niet naar het dorp en met een paar honderd roepies erbij onderdak
gebracht bij een hondenliefhebber? Kalihatti keek me aan of ze mij
ter plekke ook wilde afmaken. Haar mond vertrok: of we goed gehoord
hadden, wat ze had gezegd? Er werd schaapachtig geknikt. Tot negentig
jaar geleden werden er in India mensenoffers gebracht aan de godin
Kali. Nog steeds worden er geiten, schapen en gevogelte met astrale
bedelboodschappen voor die wraakzuchtige godin naar de andere kant
van het leven gestuurd. Nu was de ongelukkige, hongerige Pipo aan
de beurt. Dood trappen vond de groep toch weer te erg en Robert,
als Kalihatti's minnaar en belangrijkste discipel, koos voor verdrinken
in de rivier. Iedereen stond er bij en keek er naar. We zongen,
Zwitserse liedjes en heilige mantra's, en we waren collectief goed
gek gemaakt. Pipo deed onder water wel zes minuten over zijn doodstrijd.
Ik dacht nog dat er misschien ook hondenkarma bestond. Of was de
pup gewoon op de foute plek in de foute tijd geboren? Of was hij
een offer om mij tot inzicht te brengen dat er echt grenzen zijn?
Er werd hard gezongen en Kalihatti, op een hoger heuveltje opgesteld,
knikte tevreden. Dat zou die egotrippers in haar groep wel mores
leren, kon je haar zien denken. Zo werd de SS getraind, dacht ik
later. Zo ontstaan de uitwassen in Ruanda en Joegoslavië. Stap
voor stap verder wegzinken in zo'n moraalloos, liefdeloos soort
leven onthecht namelijk wel heel doelmatig. Dat ervaarde ik ook.
Een uur later schreeuwde ik tegen Robert, die vreselijk gedeprimeerd
was: "Hee lul, het was maar een rottig hondje!" en we klaarden samen
op. "Het is gelukkig geen kind geweest," zei ik. Nee, gelukkig.
Maar ik wist al wel zeker dat ik een vluchttasje moest gaan klaarmaken.
Wat mij in mijn besluit ondersteunde, was de zoveelste extreme therapeutische
techniek. Robert Zimmerman vroeg ons de volgende dag om mee te werken
aan een pijnritueel. Iedereen zou hem onder het toeziend oog van
Kalihatti op zijn ontblote achterwerk moeten slaan, want hij wou
"dichter bij zijn gevoel komen." "Als hij er nu zelf om vraagt?"
zei iemand, toen Antar en ik aarzelden of we wel moesten meewerken
aan deze masochistische perversie. Robert vroeg het me nadrukkelijk
persoonlijk. En daarna fluisterde hij me toe dat Kalihatti die techniek
ook had aanbevolen voor mij. "Hoe groter je ego hoe harder haar
brekende kracht zal moeten zijn," legde hij namens zijn strenge
meesteres uit. Goed, Antar en ik deden mee. Na afloop van het rondje
van dertien hardhandige deelnemers zagen Roberts onderrug, billen
en bovendijen zo zwart als de nacht. Hysterisch huilend lag hij
aan Kalihatti's voeten. Was dat tegelijkertijd zijn onbewuste boetedoening
voor het verzuipen van Pipo? Zijn meesteres ontdekte waarschijnlijk
mijn meewarige blik over de gebogen hoofden van de andere deelnemers
heen. Ineens priemde haar dikke vinger in mijn richting: "Du bist
der Nächste! Scheissdreck!" De volgende! VLUCHTEN Ik kon weg,
de anderen niet. In een noodzakje in mijn broek bewaarde ik namelijk
een onontdekt gebleven reisbudget. Die nacht ging ik er vandoor.
Met een bonkend hart vol schuldgevoel, twijfel en angst maar ik
vluchtte weg, door het door de volle maan verlichte bos tot ik op
de grote weg een exotisch beschilderde truck kon aanhouden. Een
bus bracht me later naar Jabalpur en daar nam ik de trein naar Poona,
waar ik vrienden wist, die me verder zouden helpen. Kalihatti bleek
per brief furieus over mijn desertie. Ze eiste mijn terugkomst:
ik had toch een overeenkomst getekend? Mijn paspoort en ticket moest
ik maar komen halen! Door een werkelijk wonder kreeg ik echter zes
weken later toch de rest van mijn achtergelaten bagage en mijn documenten
terug. Dat bizarre verhaal hoeft hier niet verteld te worden. "Wat
heeft jouw krankzinnige experiment nou allemaal voor zin gehad?"
vroeg me een verbijsterde vriend. Later, toen ik niet meer zo labiel
was, viel er veel in de puzzel van kwaad en goed op z'n plek. Ik
moest vaak aan het Yin Yang symbool denken. De kern van het zwarte
is wit. En tja, de kern van het witte is zwart. Waar hebben we het
meeste moeite mee? Ik heb ontzettend veel geleerd in dat spirituele
concentratiekamp. Was hier dus het Goede aan het werk in de vermomming
van het Kwade? Of omgekeerd? Ik was absurd naïef geweest, zo'n
schoolvoorbeeld van de onschuldige, goedgelovige New Age adept,
die graag in het goede wil geloven. Achteraf ervaarde ik het gebeuren
als een inwijding in de schaduw. Ik besefte dat wie met het Witte,
met het Goede wil verkeren, aandacht zal moeten besteden aan zijn
karmische metgezel, het Zwarte, het Kwade. Sommige wetenschappers
zien onze wereld als een zinloos strijdtoneel van naar eeuwig leven
strevende genen, waarin de sterksten het langste door leven. Zelfs
als daar toevallig bewustwordingprocessen door ontstaan, is dat
in deze visie uiteindelijk zonder wezenlijke waarde. Dit wetenschappelijke
nihilisme komt vreemd dichtbij de Boeddhistische kijk op het Niets,
het Nirwana, met dien verstande dat deze Leegheid, los van Kwaad
en Goed, een soort gelukzaligheid met zich zou moeten meebrengen.
Ondanks mijn jarenlange meditatieve oefeningen heeft dat zinverloren,
onthechte pad me niet kunnen bekoren, hoewel ik me realiseer dat
veel anderen in die technieken van verstild, puur gadeslaan een
noodzakelijke, positieve rust kunnen ervaren. Voor mij was er binnen
die meditatie echter geen plaats te vinden voor de sterke gevoelens
van dankbaarheid die me overvielen als de schoonheid van het aardse
leven tot mijn bewustzijn doordrong. Natuur, mensen, liefde, sex,
eten, muziek, de extase van de tegenstellingen... In dàt
filosofische plaatje passen de mensonterende ervaringen bij Hanna
Boeschenstein in Khajuraho weer wel. Juist die gebeurtenissen brachten
me tot het besef dat het Kwade uitsluitend de bedoeling heeft om
het verontreinigde Goede uit te zuiveren. De Goddelijke liefde wordt
pas in de verbinding met de materie van de Aarde getransformeerd
van engelachtig abstract en woordeloos tot bewuste, concrete Levensvreugde.
Uit dankbaarheid zal daarna het Goede helpen om het Kwade een weg
te bieden uit de verkramping van ego en verblinding. In dat licht
bezien is het ook heel stom om onze misdadigers te isoleren, want
hoe moet het Goede dan ooit getest worden? Hallo, Hanna Boeschenstein
en Ronald Zimmerman, ik hoor dat jullie nog steeds ergens in de
wereld therapiegroepen begeleiden. Het ga jullie goed.
ROLAND VAN VLIET
Ik moest aan dat vreemde tweetal denken toen ik de dichterlijke
Haagse filosoof Roland van Vliet een lezing hoorde geven over het
Manicheïsme, de vroegchristelijke stroming die als zijnde ketters
zorgvuldig is uitgeroeid. In de afgelopen decennia zijn er, vooral
in Egypte, gelukkig geschriften gevonden en ontcijferd die een licht
werpen op de bevlogen missie van Mani, een in Zuid-Babylonië
opgegroeide Pers die leefde van 216-276 na Christus. Toen zijn inzichten
steeds meer botsten met zijn Joods-christelijke milieu, vertrok
hij weer oostwaarts totdat hij aan het hof van de Perzische koning
gastvrijheid kreeg aangeboden en steun bij zijn missie. Mani was
een bevlogen kunstenaar en, net als zijn aanhanger Van Vliet, een
dramatisch-poëtisch en lyrisch redenaar. Hij kon een wereldreligie
van Arabië tot Siberië stichten omdat hij de eenheid van
de bestaande religies benadrukte. Het Perzische Zonnewezen Ahoera
Mazda, de Hindoeïstische Vishnoe, Boeddha en de Joodse Jezus
zijn daarin allemaal manifestaties van dezelfde troostbrengende
Lichtboodschapper, de bovenzinnelijke Christus. Mani kreeg makkelijk
vertrouwen omdat binnen zijn gnostische denken ook het concept van
reïncarnatie thuis hoorde èn omdat hij zijn aanhangers
voorhield om nooit iets aan te nemen op autoriteit van anderen maar
uitsluitend af te gaan op de eigen, beproefde ervaring. Die opvatting
stond lijnrecht tegenover de structurerende, beperkende en belerende
opvattingen van kerkvaders als Augustinus, die het Christelijke
godsdienstbeeld domineerde aan het begin van de vijfde eeuw na Christus
(en eigenlijk nog steeds). Volgens hem werd de ziel ten tijde van
de geboorte door God geschapen. Daarna kon die ziel slechts een
plek in de eeuwigheid verdienen als er keihard gewerkt werd volgens
de morele religieuze principes die de kerk voor hem had opgesteld.
Satan was de vijand, die de slappe mens verleidt tot een verkeerde
wilsgerichtheid. De ware Christen werd opgezadeld met een verbitterd
afscheidingsdenken, waarbij ook het lichamelijke als een instrument
van het Kwade werd afgezworen en verketterd. Zo ging ook de Westerse
wereld een zwarte periode van levensontkenning in. Na de Reformatie
van Luther in de 16de eeuw bleek onze erfzondige ziel helemaal weinig
kans op succes meer te hebben, omdat zijn bestemming (uitverkoren
of niet) middels de predestinatiewetten -waar Augustinus al over
sprak- grotendeels vast scheen te liggen. De vroege kerkvaders benoemden
het kwaad als de afwezigheid van het Goede en daarmee werd het Goede
de afwezigheid van de Kwade. Zo schiepen ze op hun concilies een
statisch paradijsbeeld waarin de leeuw doelloos, grasetend naast
het lam ligt en waar het Uitverkoren Volk eeuwig gelukkig is. Opnieuw
een beeld dat sterke verwantschap heeft met het Nirwana-plaatje.
Moet zo'n voorspelbare, dodelijke saaiheid niet verstarren? Kwaad
is er niet meer, nee, maar is dat nog leven? Augustinus bestreed
de Manichese ruimere opvattingen hardhandig, vooral waar Mani het
oerprincipe van het donker zag als de verzelfstandigde schaduw van
het Ene Licht. Augustinus probeerde juist God te ontlasten van elke
verantwoordelijkheid van het kwaad; de mèns veroorzaakte
alle kwaad. Mani vond slechts dat de mens zijn vrije wil moest benutten
om liefdevol onderscheid te leren maken. Doordat hij hiervoor lankmoedig
zelfonderzoek centraal stelde, is hij als een trendsetter voor moderne
zoekers te beschouwen en niet alleen daarom. De God van Augustinus
is een zelfgenoegzaam opperwezen dat de mens noch diens aanbidding
werkelijk nodig heeft en gebodsovertredingen streng zal bestraffen.
De God van Mani echter leert zichzelf in een nooit te voltooien
schepping kennen via zijn groeigerichte gevoelsverkenner, de mens.
De mens is Goddelijk en God geniet van hem; God heeft de mens nodig
in Zijn verlangen om Zijn veelvoudige liefde optimaal en immens
genuanceerd te ontvouwen. EéN SCHEPPING.
De Manicheërs stelden God gelijk aan en Eén met Zijn
schepping en gelijktijdig er ook buiten. Door middel van de ontwikkeling
van het menselijk bewustzijn ontvouwt God zich. De mens wordt zo
de belichaming van de heilige Geest. Vanuit de voor-christelijke
belevingswereld kon men zich eenvoudig voorstellen dat het Zonnewezen
zich met de Aarde wilde verbinden om deze te transmuteren. Troostbrengende
profeten lieten het Goddelijke als het ware 'inlevend inwonen' in
hun wezen, waardoor ze vernieuwing in het denken van hun omgeving
konden brengen. De Boddhisattva kon zo uit eigen Aardse ervaring
spreken en verbonden blijven met de problematiek van de gewone stervelingen
bij hun moeizaam onderscheid maken tussen Goed en Kwaad. Mani reikte
veel verder terug in onze wordingsgeschiedenis dan Genesis. Hij
beschreef het voorwereldlijke Grote Begin als een eon van Eenheid,
God als de Vader der Liefde. Allerlei wezens komen uit hem voort
en aanbidden hem. Een volgende eon wordt ingeluid als God, zoals
Rudolf Steiner het zegt: "het offer van een aantal Tronen niet langer
meer wil aannemen." Misschien is het duidelijker als je je voorstelt
dat God een aantal engelen vroeg om op te houden met hem te aanbidden.
Toegewijd als ze waren brachten deze hoge wezens dat offer zonder
de bedoeling ervan echter te begrijpen. Stel je voor hoe die lichtwezens
moesten stoppen met hun proces van circulerende opnemende voeding
en uitgaande dankbaarheid. Je ziet een beeld ontstaan van naar binnen
keren, ze raken in zichzelf besloten. Ze verharden, verzwaren, nemen
vaste vorm aan. Ze doen zo materie ontstaan. De gaswolk wordt een
planeet. In het licht van de schepping wordt een duistere vorm zichtbaar,
de Aarde. Mani beschrijft dan hoe, ver voor Genesis, Ahriman, de
Satan vanuit de duistere aarde, de lichtwereld aanvalt. ONTSTAAN
VAN DE MAAN Ik moest ineens denken aan speculaties over het ontstaan
van de maan. Een aanval van Satan? Was dat wel een kwade bedoeling?
Ik stel me juist voor dat vanuit een diep verlangen om terug te
keren naar de lichte oorsprong een deel van de aarde zich afscheidde.
Een groot brok wervelde naar de zon, maar bereikte hem niet en viel
terug in een baan om de aarde. Is zo bezien de maan aan onze hemel
niet anders dan teken van verlangen? En ook een voortdurend en troostend
teken van groei en afname; een mystiek symbool van de reflectie
van licht via een donker oppervlak? Mani stelt alleen dat het goddelijke
Licht op deze 'aanval' van het duister reageerde met het zenden
van een tegenkracht. In Mani's visie daalde de Goddelijke oermens,
de eerste Christus, af naar het duister, naar de Aarde. Niet om
haar kwaad te bestrijden, want in het milde Godsbewustzijn past
het idee van straf niet. "Het liefdeoffer werd echter direct verslagen,"
schrijft Mani en: "De vijfvoudige Lichtziel werd door de aardse
demonen verslonden." Je wordt echter wat je eet. Het materiële
duister wordt vermengd met het etherische lichte element. Je kunt
daar makkelijk een Goddelijk plan aan ten grondslag zien. Pas als
de Goddelijke mens incarneert, kan het Licht in contrast met het
Donker aan zijn werkelijke bewustwordingsproces beginnen. Beiden
leren door de opheffing van elkaars eenzijdigheid. Door het Goddelijke
Liefde-offer kan het Kwaad op termijn weer worden omgevormd. Mani
omschrijft het Kwaad als een combinatie van toorn, hoogmoed, begeerte,
haat en onverstand en hij zet daar geduld, deemoed, voorkomendheid,
wijsheid en liefde naast. Het Kwade is dus functioneel en als een
engelenoffer ingepast in de aardse omgeving, de kosmische strijd
is verlegd naar de mens. De hoogste heiligheid is niet een natuurlijk
gegeven maar een verworvenheid die pas kan ontstaan als er een wezenlijk
vrije keuze kan worden gemaakt. De vrijheid om te kiezen (graag
voor het Goede natuurlijk) en om op unieke wijze te kunnen groeien
bùiten Gods voorspelbaarheid is het grootste geschenk dat
het Goddelijke zichzelf heeft kunnen geven. MANICHEïSCHE DENKEN
EN ASTROLOGIE Ik vergelijk dit Manicheïsche denken in aanvullende
polariteiten eens met de astrologische principes van de dierenriem.
Daar zie je terug hoe de tegengestelde krachten hun disharmonische
werking verliezen. De methodische Maagd heft de chaotische wazigheid
van Vissen op en Vissen geeft mededogen aan de kritische Maagd.
Elke planeet geeft op mysterieuze wijze zijn specifieke, onmisbare
kracht door aan de mens. Uranus zorgt er met zijn onvoorspelbare
energie en plotselinge rebelsheid voor dat het Saturnale Godsprincipe
getoetst en gepolijst kan worden. De transformerende mens gaat dan
met die unieke astrologische blauwdruk van zijn geboortemoment aan
de slag. Met talenten en handicaps, met kracht en tegenkracht leert
hij het kwaad om te vormen door er in af te dalen. Zonder het kwaad
te onderdrukken, zonder te pogen om het te bestrijden en daardoor
te voeden, tracht de liefdevolle mens het kwaad in mildheid te verdragen.
Zo kan er verandering in de materie komen en zal ook de aarde veranderen.
Is het de bedoeling dat het donkere lichter wordt? Kunnen we ons
in deze tijd daar niet iets bij voorstellen? De ijskap smelt en
verdampt, de fossiele brandstof wordt in gas omgezet, de aarde wordt
lichter gemaakt. Door het gat in de ozonlaag kan aardse druk ontsnappen
naar de rest van de kosmos. Dit is even een ander filosofisch beeld
dan de bezorgde ecologen ons qua doemscenario voorhouden, maar vast
even prikkelend.
GOED OP VERKEERDE PLAATS
Het Kwade is in Mani's visie dus hooguit het Goede op de verkeerde
tijd en de verkeerde plaats. Het heeft echter een nuttige, ankerende
werking waardoor datgene wat naar het nieuwe streeft, niet kan doordraven
in een dodelijke galop. Door de beweging, waarin wij de Yin-Yang
principes zullen herkennen, wordt het zogenaamde Kwade vanuit zijn
kern, de witte punt, steeds weer gestimuleerd in het eigen verlangen
om uit die stroeve, statische saaiheid los te komen. Het zogenaamde
Goede is zich door zijn kern, die zwarte punt, bewust van zijn verknochtheid
aan de aardse genietingen en zal daardoor verbinding blijven houden.
Dat zwarte treklijntje kunnen we alleen maar relativeren door zelfspot
en humor en zo is er door het menselijk incarneren een heerlijk
fenomeen aan de schepping toegevoegd. De meeste Engelen en Demonen
hebben immers, net als de meeste buitenaardse wezens, weinig humor.
Aan gene zijde hoor je hooguit wat overledenen lachen, die in pijn
geleerd hebben hoe je het zwarte op een speelse manier onschadelijk
kunt maken, de kracht van fysieke verslavingen net zo goed als de
dogma's van de quasi-heiligheid... In de meeste wereldreligies (het
Manicheïsme was overigens niet veel liberaler) wordt het vrouwelijke
element consequent geassocieerd met het donkere, met het verleidende
kwaad. Ook daar kan correcte logica veel troost brengen. Komt immers
niet alleen uit de vereniging van het mannelijk en het vrouwelijk
het nieuwe voort? Ligt het dan niet voor de hand dat ook alleen
uit de integratie van het Goede en Kwade de nieuwe mens kan ontstaan?
Wonderlijk is het dan om mijn hedendaagse logica bevestigd te krijgen
als ik over dit onderwerp Mani's zeventienhonderd jaar oude geschriften
lees. Van Vliet brengt een antieke wereld aan het licht, die juist
ook voor de niet-Christen wonderlijk actueel zal aandoen. Het voor
mij meest ontroerende inzicht is het besef dat het kwaad zich vrijwillig
geofferd heeft en dat het zogenaamde Kwade minstens op ons mededogen
moet kunnen rekenen. Het offer moet opnieuw worden aangenomen. Dat
hondje Pipo is niet voor niets verdronken. Hij heeft mij geleerd
dat je weg kan lopen voor verdere vernederingen. Dat je in elk geval
zo een teken aan je omgeving kunt geven dat iets te ver gaat. Ieder
mens krijgt vroeg of laat een kenmerkende, beslissende keuze aangereikt.
Pas in de vrijheid van keuze is liefde mogelijk, anders is die liefde
niets meer dan moraliteit en plichtsbesef, gebaseerd op een ingeprente
angst voor straf op een niet eens reële zonde.
PdH
Literatuur:istendom van vrijheid
en Liefde
Roland van Vliet. Uitg. Kok, Kampen 1999. Ik, Mani, apostel
van Christus
John van Schaik e.a. Uitg. Vrij Geestesleven, Zeist 1994.
terug
6. DE IDOOLHOF
Verdwaald tussen idealen en idolen (gepubliceerd in Prana 1999)
Van Morrison zong het al op één van zijn prachtige
albums: "No guru, no method, no teacher." Laat je
niets wijsmaken, er is maar één basis en dat is je
eigen hart. Toch heeft bijna iedere mens behoefte aan een voorbeeld
en velen blijven eeuwig kinderen, op zoek naar die ene liefhebbende,
ideale ouder. Vrouwen zoeken vaders in hun mannen en mannen willen
hun moeder terugzien in hun partners, maar dan ideaal natuurlijk.
In de tussentijd staan de 06-lijnen roodgloeiend, de contactrubrieken
puilen uit en de relatiestoelendans versnelt in tempo. De wereld
schreeuwt om bonafide idolen, maar bij nader inzien blijken we gewoon
verdwaald tussen gewone mensen. Aan de ingang van de idoolhof
blijft Satan echter vrolijk kaartjes verkopen. Opgroeien, ouder
worden is zo simpel nog niet. Als jongetje van elf droomde ik van
een huwelijk met Prinses Irene en later was ik zwaar kalververliefd
op Romy Schneider. Frans de Munck, bijgenaamd de Zwarte Panter keepte
in 1961 in het voetbaldoel van het Utrechtse D.O.S. en ik schreeuwde
verhit mee met het supporterslegioen bij elke lange, lange doeltrap.
Wat een doelman! Ik bewonderde Bob Dylan en later draaide ik Beatles
en Stones grijs. "Idolen," zei de psycholoog Kans Korteweg eens,
"zijn de uitstulpsels van de massa, waarin die zichzelf aanbidt."
Filmgoden, muziekhelden en sportsterren zijn onze eerste idolen
en ze blijven een onvoorstelbare kracht houden. O.J. Simpson,
de voormalige basketballster die van moord verdacht wordt,
trekt opnieuw een miljoenenpubliek naar de TV. Er komen
steunbetuigingen voor zijn gedrag, begrip en getuigen
voor en tegen. Er zijn spontane aanbiedingen van zelfs overduidelijk
meinedige verklaringen, die dit idool van talloze sportfans
zouden moeten ontlasten. Prince is het voor mij meer, maar de favoriet
van mijn 9-jarige zoon is Michael Jackson. Dit wereldvreemde wonderkind
hangt in postervorm in ontelbare kinderkamers, boven de
bedden van hun alleenstaande moeders en op de wc's van sommige
vaders, die achteraf liever gay wilden zijn. "Pappa, Michael Jackson
kàn niets lelijks naar een kind gedaan hebben, hè?"
vroeg mijn nageslacht vorig jaar vertwijfeld. Zijn held door het
slijk? Dat mocht niet en nooit. Het vroeg een lange, gedetailleerde
uitleg en dat bevredigde hem. Zijn eigen echte idool, zijn vader,
had het verklaard met begrip voor alle partijen: "Michael Jackson
had een probleem, namelijk van beroemd en rijk zijn. Hij wou ook
wel eens wat gezelligheid en dan bleef er wel eens iemand bij hem
slapen. En misschien hadden ze wel eens een wedstrijd vèr
pissen gedaan, zoals wij ook wel eens deden in de douche van het
zwembad. En het kan zijn, dat Michael misschien ruzie had gekregen,
zoals wij ook wel eens hebben. Maar dan erger. Met een paar klappen
of zo. En die jongen van 13 jaar had wraak willen nemen en veel
geld willen hebben van Michael. Om terug te pesten. Want de mensen
vinden van alles vies, helemaal als je beroemd ben. Snap je? Zo
gaat dat in de wereld, David." Hij snapte het. Het idool was weer
een gewoon mens geworden, driftig en met lol in gore spelletjes.
En gewone mensen mogen tenminste weer fouten maken of pech hebben.
ZOEKENDE MENS De zoekende mens leent tijdelijk van idolen, coryfeeën
en een enkele verlichte allerlei meningen, visies en filosofieën,
totdat hij zijn eigen weten tegenkomt. Ondertussen mag men niet
teveel onaardigs over het betrokken idool zeggen. Dat wordt niet
zelden als een persoonlijke aanval gezien. J.F. Kennedy wordt een
figuur met steeds mythischer proporties en Brigitte Bardot mag eigenlijk
nooit ouder worden. Sai Baba blijft de onaantastbare perfecte heilige,
ondanks het precaire feit dat vlak naast zijn slaapkamer de moordenaar
van zijn penningmeester door de politie werd doodgeschoten.
De pausen zijn heilig van zichzelf en iemand als Krishnamurti
wordt heilig gemaakt met het verhaal dat hij 's morgens vroeg alleen
maar blòemen bracht aan het bed van de vrouw van één
van zijn groepsgenoten. Jomanda Onderwater geneest mensen onder
toepassing van hypnotische trances en omdat er daardoor wonderbaarlijke
dingen gebeuren is direkt alles goed wat ze doet. "Alles wat van
ver komt, is lekker," zei mijn grootmoeder al. Onder dat motto ontplooien
zich ook steeds meer gechannnelde Wijze Entiteiten. Ik ben
er soms flink huiverig van. Omdat die informatie van Meester Wappa,
Broeder Andreas of Commandant Piripup `uit het hiernamaals'
of van de Pleiaden komt, zou hij wáár moeten zijn?
Madame Blavatsky is terecht haast heilig verklaard, omdat ze waarschuwde
tegen het fenomeen van `etherroof' waarbij onstoffelijke wezens
zogenaamde etherische fosfor en andere lekkernijen aftappen
van levende lieden om zo hun eigen astrale bestaan te kunnen verlengen.
Op het podium wordt een kunstje vertoond, maar de zaal betaalt.
Dat gebeurt al gauw letterlijk. De toneelhypnotiseur krijgt
drie mensen korter of langere tijd van het roken af, maar daar gaat
het hèm niet om. Hij denkt aan de duizend mensen in de zaal,
die vijftien gulden voor hun toegangskaartje betaald hebben. Op
die manier willen vast ook allerlei plaaggeesten graag wat kennis
kwijt of wat mysterieuze operaties verrichten. Alles heeft
echter zijn prijs, stoffelijk of onstoffelijk. Dit heelal draait
om geven en nemen of je dichtbij kijkt of ver af. OSHO RAJNEESH
Lang geleden zocht ik het ook ver weg. In mijn wilde dagen, van
1979 tot 1981, woonde ik dus volop genietend in de Indiase ashram
van Bhagwan Shree Rajneesh. Iedere avond was er een `energy darshan'
in die tijd. De aanbeden Meester van Meesters, zoals hij zich
zelf graag noemde, ontving zijn discipelen in zijn betegelde achtertuin
en deed boeiende energetische experimenten. Hij verbond met zijn
vingers en voeten chakra's en andere lichaamsdelen van zijn door
opzwepende muziek en eigen verlangen in trance gebrachte toegewijden.
De mooiste meiden van de commune dansten extatisch om het gebeuren
heen en dan ging plots het licht uit. En als het weer aanging, leunde
Bhagwan tevreden achteruit en veegde zijn vingers met Kleenex
af. Raar vond ik het wel. Zweethanden? Totdat één
van de `mediums' zoals die dames genoemd werden, in tranen
haar onthutste beklag bij me deed. In het donker had haar idool
twee vingers in haar vagina gestopt. Ze was er van geschrokken en
had het later doorverteld. Het gerucht kwam niet ver. Direct had
de ashrambazin haar een ultimatum gesteld: ze kon met het eerste
vliegtuig terug van Poona naar Duitsland als ze niet spoorslags
haar roddelende mond hield. Wist ze dan niet dat dat een spirituele
gewoonte van de Meester was? Zo werd er namelijk meer sexuele
energie opgewekt en dáár ging het om. Daarom mochten
de mediums geen ondergoed dragen, had ze dat niet zelf kunnen snappen?
Nee, nee, daar had ze nooit aan gedacht en ze wou niet dat er in
haar zonder toestemming werd rondgesopt. Haar idool was
ineens een gewone man voor haar geworden, die te ruw en te begerig
had aangevoeld. Ze heeft heel lang moeten huilen, maar misschien
is ze nog steeds sanyassin. Die zelfde achtertuin is nu overdekt,
met marmer en glas tot een wonderschoon mausoleum omgetoverd,
waar na zijn overlijden Bhagwans urn bewaard wordt. Op zijn eigen
instructie is er een nieuwe kerk ontstaan, de Church of Rajneeshism.
Hij heeft een nieuwe naam geleend uit de Zentraditie, `Osho' de
aanspreektitel van een Zenmeester en nauwkeurig omschreven hoe zijn
kerkgangers voortaan gekleed moeten gaan, wat de kleur moet zijn
van de ashramgebouwen (zwart) en hoeveel uur er per dag video
gekeken moet worden. En diezelfde man hoorde ik in 1980 nog zeggen,
dat wij, His People, na zijn dood anoniem zouden moeten onderduiken
in de stroom van de wereld en dat we geen enkele relikwie van hem
mochten bewaren? Hij was een begenadigd en uiterst humoristisch
spreker. Zijn inzicht in de menselijke psychologie was fenomenaal,
maar met opzet of niet heeft hij er alles aan gedaan om zijn eigen
idoolpositie te ondergraven. Op macht, luxe en erkenning belust
liet hij zijn Amerikaanse modelstad in Oregon, de grootste New Age
commune ter wereld, crimineel en beleidsmatig ondermijnen
en nòg vinden zijn trouw gebleven discipelen dat het om een
`device' ging, een bewustmakende techniek. De ideale vader
wordt immers alles vergeven. In mijn eigen blinde troostbehoefte
(mijn vader stierf toen ik 13 was) dacht ik lang hem ontlastend
mee. Ik had immers niet onaanzienlijke bedragen aan de Rajneesh
Stichting gedoneerd? En ik was dol op die man, hoewel ook bang voor
zijn magische trukendoos. Zijn vermogen tot volksverlakkerij
had ik al eerder van heel dichtbij moeten aanzien. In 1981 werd
één van Bhagwans lijfwachten, Swami Vimal Kirti tijdens
een karatetraining in de vroege ochtend radicaal in de borst
getrapt. In paniek bracht men hem naar het ashramhospitaal,
waar onherstelbare schade werd vastgesteld. Daarop kwam er een pijnlijk
circus op gang. Een vervolging wegens dood door schuld zou de ashram
enorme schade doen. Bovendien was Kirti ook nog eens geboren als
Welf, Prins van Hannover en verwant aan het Engelse koningshuis.
Twee Indiase specialisten werd omgekocht, ineens was er officieel
sprake van een hartaanval. Bhagwan bezocht Kirti in het nabije Ruby
Hall ziekenhuis, waar de onfortuinlijke aristocraat heengebracht
was. Bhagwan nam het hartaanvalverhaal moeiteloos over en uiteraard
werd Kirti in zijn laatste uren Verlicht verklaard door zijn meester.
De crematie werd een schitterend feest en de overgekomen Duitse
familie werd moeiteloos ingepakt met honderdduizend rozeblaadjes
en klassieke muziek over de ashramspeakers. Van een autopsie was
geen sprake. Hoe zou men dat durven vragen? Ik had een vriendin,
een verpleegster, die dienst had gedaan in het ziekenhuisje die
ochtend. De haar opgelegde zwijgplicht kon ze niet aan. Ze moest
er met iemand over praten. Op mijn beurt heb ik er ook lang mijn
mond over gehouden. De zoon verraadt zijn vader niet gauw. POONA
ERFENIS Na de dood van de meester in januari 1990 was er echter
sprake van een erfenis. In zo'n geval dienen de nabestaanden
de gehele boedel over te nemen, de baten èn de lasten. De
neo-sannyas beweging heeft snel vooral de baten naar zich toegehaald
en de schulden laten liggen. Emotionele waarheden of geldzaken,
op beide terreinen lagen er nog wat vuiltjes uit het verleden. Een
Rajneeshbank heeft in 1985 mijn Amerikaanse tegoed van $ 613
verdonkeremaand. Ik was maar één van de kleinste
schuldeisers, maar enige toelichting of uitleg is er nooit gevolgd,
ook niet aan de grote verliezers. Na het faillissement zette de
meester zijn zaak gewoon opnieuw op. Jarenlang kwelde ik mezelf
door mijn zelfonderzoek naar mijn relatie met die man. Ooit stelden
NRC/Handelsblad-reclameposters met betrekking tot Rajneesh
de vraag: Profeet of Profiteur? De zoon van toen heeft inmiddels
op beide beelden `Ja' moeten knikken. Mijn vader heeft goede en
slechte kanten, zo moest ik erkennen. En zo zal ik ze ook in mijzelf
moeten leren aanvaarden. Het voordeel van dat nare leerproces was
niettemin helder. Door me voor hem te buigen, me over te geven en
uit zijn handen ritueel een kralenketting met zijn foto, de
`mala' te ontvangen, plus een duimafdruk op mijn voorhoofd heb ik
me opengesteld voor een symbolische Goddelijke Autoriteit. Ik wilde
mijn jong gestorven vader beter leren kennen middels een levende
plaatsvervanger. Ik heb toen, in februari 1979, `Ja' gezegd en acht
jaar later weer `Nee' toen de maat vol was. Zo kon de jongen zelf
man worden. De band met de vader-tovenaar, met het aanbeden idool,
werd verbroken toen ik de mala in mijn open haard verbrandde. Of
Rajneesh werkelijk verlicht was of niet en wat verlichting überhaupt
is, maakt niet meer uit. Ik moest mijn idool voeten in de aarde
geven, terwijl zijn hoofd in de wolken hing.Naderhand heb ik diverse
mensen ontmoet, die zichzelf als verlicht therapeut of verlicht
leraar presenteren. Ik heb ook veel video's van de internationale
spirituele cracks gezien en hun lezingen of workshops bijgewoond.
Ze zijn Het gewoon, zeggen ze. Of ze zijn ER. Klaar. Ze hoeven
niks meer, behalve anderen helpen. De meesten hebben echter met
Bhagwan Rajneesh gemeen dat ze niet tegen kritiek kunnen. Wie doorvraagt
over hun persoonlijke sexleven, over hun geldzucht, manies of fobie,
maakt hen driftig. De criticus wordt de deur gewezen, soms zelfs
met geweld. En zo kan de zoeker eindelijk wat criteria opstellen
voor zijn idolen. Zo'n vals idool vleit je, dat is Fase 1. Als je
eenmaal een beetje in zijn of haar ban bent, krijg je te horen hoe
bijzonder je bent, hoe slim het van je is om juist aan de voeten
van déze teacher te komen. Dan weet je nog niet, dat de valse
meester altijd in alles gelijk heeft of weet te krijgen. In Fase
2 worden je beloften gedaan: dat je tot een uitverkoren volk gaat
behoren, dat je, als je maar hard genoeg werkt (cursus koopt of
training volgt), je iets zal bereiken en kunnen, iets dat je Speciaal
gaat maken. Er worden je dezelfde magische vaardigheden in het vooruitzicht
gesteld zoals de meester ook al lijkt te hebben. Onthechting, innerlijke
vrede en geen relatiestress meer (iedereen houdt dan namelijk van
je). Je gaat een betere toekomst visualiseren, je gaat rijk worden
en gerespecteerd. Bij de ene meester heten het siddhi's,
bij de andere discreaties, een derde zal transformaties beloven.
Fase 3 is pijnlijker: de bedreiging. Als je niet doet, wat je idool
vraagt, zit je `in je kop' of verstrikt in je ego en uiteindelijk
gaat er straf volgen. Sancties, verbanning of vervloeking."Als je
dit therapieproject verlaat, ga je een zekere dood tegemoet. Je
zult jezelf ombrengen uit schuldgevoel," schreeuwde een beruchte
Zwitserse quasi-therapeute me toe, toen ik me weer eens in mijn
zoektocht, nu naar het wezen van mijn drie jaar daarvoor gestorven
moeder, had laten verleiden tot een ingrijpend therapie-experiment.
Hanna Boeschenstein heet ze, een kanjer van een wijf met een
uitstraling van de Oermoeder zelve. Haar charisma en haar briljantie
deden het wonder heel makkelijk. Ze had bovendien een paar dozijn
erg aardige discipelen. Ik werd verleid door de sfeer in haar Nederlandse
commune, weer een gelukkige familie! Haar `Making Friends' project
klonk zeer overtuigend. Drie maanden in de Indiase bush bij Kajuraho
om onder haar leiding aan jezelf te sleutelen. Duur was het wel,
maar dat is een bekende verborgen verleider. Duur moet wel
goed zijn. Eenmaal aangekomen moesten de veertien deelnemers
paspoort, ticket en geld inleveren, zogenaamd ter collectieve beveiliging.
Iets in mij waarschuwde me toen al. Ik gaf niet alles af. Daarna
brak inderdaad de hel los onder het mom van werken aan ons egoverlies.
Om mij `open' te maken bleek alles te mogen. Weinig slaap, vernederingen,
uithongering en andere boeiende meditatieve technieken. Het echte
werk begon met een overdosis alcohol, maar dat bracht me alleen
aan het schaterlachen. Toen volgde er een overdosis XTC. Dat
greep dieper in. Toen ik weerloos onder de invloed was, begon Hanna,
gesteund door haar co-therapeuten me allerlei zwarts te verwijten,
inclusief mijn misdragingen uit vorige levens: ik was één
van de ergste Florentijnse Medici's geweest in 1500-zoveel! Ik was
een duivel, een beest, ik mocht mijn zoon nooit meer onder ogen
komen, ik had schade aan tientallen vrouwen toegebracht, ik kon
maar beter zelfmoord plegen. Daarna werd ik het bos ingestuurd,
alleen, om over mijn zonden na te denken. U leest dit verhaal waarschijnlijk
met een toenemende afschuw. Hoe kan een normaal mens zich zo te
pakken laten nemen? Ik voelde me zelf wèl normaal. Ik bleef
kijken, hield ik mezelf voor. Ondertussen had mijn therapeute
geen enkele eerbied meer voor individuele grenzen. Mijn karma? Het
zal best. De zoektocht naar de waarheid brengt ons ook naar de zwartste
krochten van de ziel en in alle denkbare aardse hellen. Peter Pan
was zijn schaduw kwijt en Wendy moest hem weer aannaaien...NET
GEEN ZELFMOORD Ik pleegde geen zelfmoord. Nee, ik vond iets op de
bodem van mijn put. Daar lag het inzicht dat het niet uitmaakt,
wat een ander van mij vindt of in mij ziet. Ik ben gewoon ik. En
voor mijzelf ben ik de moeite waard. De volgende dag was ik er getuige
van hoe Hanna zich liet overschaduwen door het godinne-aspect
van Kali, de wreekster. Deze Hindoeïstische godin wordt afgebeeld
met een halsketting van onthoofde mannen, symboliek voor de demonen
in je eigen ziel. Hanna, die zichzelf gedurig beriep op haar Verlichting
enkele jaren eerder, was van plan die in onze zielen stevig aan
te pakken. De sfeer werd er niet beter op en het eten ook niet.
Slechts bananen en wortels kregen de onwilligen, die zich nog steeds
niet konden overgeven. Hoe gek het ook klinkt, ik hield toch ook
van Hanna. In haar stille momenten was ze zo sensitief en liefdevol
dat ik totaal toegewijd haar voeten weer kon masseren. Mijn idool
liet me dan weer zien, hoe mooi mijn moeder kòn zijn en hoe
ik dat vreselijk gemist heb en tekort kwam. Haar wreedheid kende
evenmin grenzen. Binnen Hanna's religieuze paranoia moest ineens
een bijtende pup in een groepsritueel gedood worden. Dat stomme
hondje was plotseling het symbool geworden van alle mannelijke
agressiviteit. Pipo werd verdronken, het duurde vijf minuten
voor het lijfje onder water in Roberts handen stillag. Hij was Hanna's
discipel nummer Een en hij zou alles doen en laten om haar
liefde maar te behouden. Hoewel ze vijftien jaar ouder was, beminde
hij haar veelvuldig en enthousiast en beschreef daarna die
helende ervaring aan ons. Als ik maar meer mijn best deed in ons
concentratiekampje, werd ook mij dat voorrecht in het vooruitzicht
gesteld. Die seksuele slavendienst trok mij onvoldoende aan, zo
ver was ik nog niet gezonken. Dat Robert zich op een noodlottige
avond door de hele groep bont en blauw moest laten slaan om dichter
bij zijn gevoel te komen, was voor mij de druppel die mijn emmer
deed overlopen. Of was het puur lijfsbehoud? Toen zijn billen
volkomen zwart zagen van de bloeduitstortingen, schreeuwde
Hanna me toe dat ik de volgende was: "Scheissdreck!" Mijn vluchtkoffertje
stond echter al stiekem klaar, ik had nog genoeg roepies en het
adres van de Nederlandse ambassade in Bombay. Het was volle maan
en ik rende die vijf kilometer naar de grote weg. In de vroege ochtend
werd ik opgepikt door een vrolijk beschilderde Indiase truck. De
chauffeur wou niet eens geld van me aannemen, zo goed voelde hij
waarschijnlijk mijn verweesde gevoelens aan. Mijn moeder had
me verraden, maar ik had mezelf net op tijd uit haar handen weten
te redden. Thuis gekomen ben ik ook. Bang was ik onderweg beslist
wel. Bang voor haar vervloeking en bang dat ik toch ergens een spirituele
fout had gemaakt. Je weet immers maar nooit in dit mysterieuze leven?
Voor je het weet is goed ineens kwaad en omgekeerd. Vandaag krijgt
het kind een kus en morgen een klap...REDDING ZOEKEN In minder extreme
zin dan ik hebben talloze anderen hun eigen therapeutische
redding gezocht. Hun innerlijke kind is verwond geraakt, hun geïnternaliseerde
vader- en moederbeelden zijn onvolledig, vervormd en verwarrend.
Nieuwe ervaringen rijten de oude wonden weer open. Liefdesrelaties
zijn favoriet in dit proces, maar ieder idool kan dezelfde functie
vervullen. Wie blijft steken in zijn of haar beschuldigende vinger
naar die ander, blijft echter sterven van verdriet en pijn.
De wond mòet open, zodat het pus eruit kan. Daarna kan hij
echt dicht. Littekens zullen je nog wel herinneren aan het
verleden en soms bij slecht weer jeuken. In zo'n dieptepunt valt
mij wel eens een bruikbaar liedje in, dat ik dan zing: "Alleen de
liefde wil ik dienen, de liefde alleen, geen andere heer wil ik
meer om me heen, alleen de liefde, de liefde alleen." Het was leuk
geweest als mijn Nederlandse idool-kandidaat Herman Brood dat eens
op de TV had kunnen brengen. Misschien had ik dan zijn foto boven
mijn bureau gehangen. Zomaar. Voor de lol.
terug
7. HERPES? ZEUR NIET!
- LEREN LEVEN MET EEN LEVENSLANGE VIRUSINFECTIE -
(Artikel in Onkruid 1997)
Herpes kan pijnlijk en onaangenaam zijn, maar vaak valt het ook
erg mee. Als je het eenmaal hebt, dan heb je voor altijd. Het is
een virus, dat zich na het eerste besmettende contact in een bepaald
deel van je zenuwgestel nestelt. Let op je voeding en
leer op tijd Nee zeggen.
Haast twee miljoen Nederlanders hebben last van herpes. Blaasjes
op je mond, op je billen, geslachtsdelen, onderrug, soms op gewrichten
of vingers. Beruchte veroorzakers zijn gebrek aan slaap, stress,
te gekruid eten, chocolade, kokos, paprika, tomaten, champignons.
Stress, traumatische toestanden en andere ondermijningen van je
normale weerstand hakken er ook in. Verder worden suiker, linzen,
doperwten en (teveel) granen – ook brood- afgeraden. Ook bepaald
fruit ondermijnt de herpespatiënt omdat er veel van het negatieve
aminozuur Argine in zit: aardbeien, bananen, sinaasappels, bosbessen
en druiven (dus ook rozijnen). Men ploetert meestal met gering effect
met het reguliere medicijn, Aciclovir. Minder bekende maar zeker
zo werkzame remedies betreffen de inname van Lysinecapsules (ook
een aminozuur), Resveratol (een krachtige antioxidant uit druivenpitjes),
knoflook en Lactoferrin (een antibacteriële proteïne die
in de eerste moedermelk, het colostrum zit). Extra inname van zink
en foliumzuur helpt ook. Wat je bovendien op die jeukende blaasjes
kunt smeren, zijn Propolis (een bijenproduct) of extracten van de
Aloë Vera plant en citroenbalsem Melissa officinalis. Bij velen
werkt een zogeheten Nano-zilveroplossing en sommige patiënten
hebben baat bij een compresje van Luvos heilaarde, anderen zweren
bij homeopatische oplossingen. Gelukkig gaat onderzoek naar alternatieven
door. Ook werken bepaalde therapeuten zeer effectief met de Emotional
Freedom Technique (EFT), een soort psychologische acupunctuur, waarbij
men bepaalde meridianen beklopt. Er zijn verder natuurartsen die
Progenitaliskorrels voorschrijven met goed resultaat, meestal in
combinatie met weerstand oppeppende andere (homeopathische) middelen.
Hoewel er herpespatiënten zijn, die juist last krijgen van
te veel zon, is er net positief onderzoek gedaan naar de effectiviteit
van een hoge dosis vitamine D. Dat betrof 50 pilletjes, eens per
dag gedurende 3 dagen. Gebrek aan deze vitamine kan namelijk ook
al een herpesaanval veroorzaken. D werkt ook goed bij griep, dus
waarom niet bij andere virale infecties? Doe je eigen onderzoek
maar. "Vroeger wreef ik vaak uit pure wanhoop over de jeuk en de
pijn de blaasjes kapot met een groen schuursponsje. Dan ging de
jeuk tenminste weg," zegt Ineke (37 en verkoopster). Die felle reactie
op haar genitale herpes beschrijft ze achteraf als een vorm
van zelfhaat: "Ik accepteerde mezelf niet en die herpes al helemaal
niet. Toen ik ouder werd, heb ik hulp van een psychologe gezocht
en dat heeft me veel geholpen om milder te worden. Nu gebruik ik
voorzichtig een nat washandschoentje en daarna föhn ik
de plek droog. Het virus gaat dood op een droge huid. Daarna is
het een kwestie van het wondje laten genezen, zonder dat je meer
bang voor besmetting van je partner hoeft te zijn." Er zijn minstens
zeven verschillende herpesvarianten, die zich vrij
onschuldig manifesteren als bijvoorbeeld waterpokken
of de ziekte van Pfeiffer, maar ook dus als een koortslip of als
genitale herpes. Meer dan 60% van de volwassen bevolking
is drager van één van deze herpesvirusssen. Bijna
1 op de 3 Nederlanders heeft genitale herpes, hoewel de meesten
daar nooit iets van merken. Pas als je natuurlijke weerstand teveel
zakt, kan het zich plotseling manifesteren. Daarom is het niet altijd
reëel als je iemand van jouw besmetting beschuldigt. Dat
kan immers al jaren geleden gebeurd zijn. Herpes heeft een
voorkeur voor de regio rond je mond (de zogenaamde koortslip, ook
wel aangeduid met Herpes Simplex Virus 1) en voor je onderlichaam
(genitale herpes, ook wel aangeduid met Herpes Simplex Virus
2). Het een hoeft niet te betekenen dat je automatisch
ook de tweede variant hebt of krijgt, maar deze varianten komen
wel in beide gebieden voor. Je kunt elkaar dus zowel met zoenen
als orale seks besmetten. Er is tot nu toe geen medicijn ontwikkeld
dat het virus in zijn schuilplaats kan aantasten of vernietigen,
maar daar wordt aan gewerkt. Vanuit Zweden wordt er in een groot
aantal landen (ook in Nederland) op dit moment onderzoek gedaan
naar de positieve werking van PHIM-101 gelei. Dat bestaat uit enzymen
uit de alvleesklier van een Zuidpoolgarnaal, die je aanval sterk
lijken af te remmen. Volgend jaar zullen we weten of het officieel
als geneesmiddel tegen herpes kan worden geregistreerd. Als je geïnfecteerd
bent, hoeft het echter niet altijd tot een aanval te komen. Het
virus kan namelijk langdurig of zelfs voor altijd latent
blijven. Praten met een huisarts, dermatoloog of gynaecoloog kan
veel misverstanden oplossen. Soms kan acupunctuur de pijn verlichten.Over
de frequentie van de aanvallen bericht een specialist (Dr. W.I.
Van der Meyden) dat slechts 50% van de patiënten die net met
een HSV1 geïnfecteerd is, die terug ziet komen met gemiddeld
één aanval in het eerste jaar. Over HSV2 stelt hij
dat 80% gemiddeld vier aanvallen in het eerste jaar na de oorspronkelijke
eerste infectie krijgt. 6 tot 8 aanvallen per jaar schijnen niet
ongebruikelijk te zijn. Bij vrouwen zou een derde van de aanvallen
verband houden met het begin van hun menstruatie.Wat voel je? Wat
zie je? Van tevoren kan men een licht schrijnen of jeuk voelen op
de betreffende plek, maar soms ook op de achterkant van de
dijen. Een soort grieperig gevoel kan eveneens een aanval aankondigen.
Sommigen ervaren dat de getroffen plaats raar tintelt, puur pijnlijk
is of juist gevoelloos. De effecten kenmerken zich door een
rode geïrriteerde plek, soms iets opgezwollen door een
opeenhoping van vocht er onder. Dat wordt oedeem genoemd. Op
zo'n plek vertonen zich na enige tijd kleine vochtblaasjes.
Als je die door de jeuk openkrabt, verspreidt zich het
virus via dat vocht. Dat kan ook gebeuren door wrijving tijdens
seks (gewoon of oraal) of door het hard afdrogen met een handdoek.
Zo'n blaasjesplek kan zo klein als een dubbeltje zijn, maar ook
zo groot als een gulden. Je kunt er eentje hebben of (veel) meer.
Soms zitten ze op je onderrug, tussen je liezen, in je schaamhaar,
in of op je geslachtsdelen. En dan schrik je natuurlijk. En
je gaat zoeken naar iets wat verzacht. Helaas is zo'n wondermiddel
niet voorhanden. Een interview met Zakina Steuns, acupuncturiste
in Koekange, maakt veel fysieke en psychologische achtergronden
duidelijker: "Als de lever- en galmeridiaan aangetast is, wordt
men vatbaarder voor virusinfecties, zoals genitale herpes.
De koortslipvariant, de krentenbaard, geeft eerder een probleem
aan met de maagmeridiaan. Een acupuncturist zal dat de remmo-12
noemen. Dat kan slaan op teveel innemen, niet goed verwerken
of niet goed verteren. De lever organiseert je bloedzuivering,
je hele vochthuishouding. De kwaliteit van je bloed bepaalt
de kwaliteit van je leven. Problemen daarmee geven een veel omvangrijker
conflict aan dan de koortslip aanduidt. Leverenergie staat
namelijk voor expressie, voor datgene wat je naar buiten brengt.
Seksualiteit is ook een vorm van contact maken. Een mens kan zich
onnoemelijk laten blokkeren als er iets niet mag op seksueel
gebied, als je niet vrij daarin mag communiceren. En àls
je dan eenmaal herpes hebt, kan dat veroorzaken dat iemand
nog verder naar binnenkeert. Ze praten er met niemand over, niet
zelden zijn ze er nog nooit mee naar een dokter geweest. Er heerst
op dit punt een enorme schaamte. Dat niet uiten, die gestoorde expressie,
die gevoelens worden allemaal als het ware in de lever opgeslagen.
Mensen die geelzucht of hepatitis gehad hebben, ook een leveraandoening
dus, zijn doorgaans ook kwetsbaarder voor herpes. Vrouwen
die lang de pil slikken, kunnen problemen krijgen omdat hun
lichaam niet langer voor de gek gehouden wil worden. Als je
teveel te lang doet, open je de deur voor herpes. Sommigen vrouwen
zijn veel te veel gericht op geven, terwijl ze maar moeilijk kunnen
innemen, daar kan een zwakke plek ontstaan. Maar dat geldt evenzeer
voor bepaalde mannen, juist die zogenaamde krachtpatsers hè?
Lui die maar doorgaan en doorgaan."Sterke verlangens "Het valt
mij op dat de meeste mannen, die ik hier krijg, het vroeger niet
zo nauw hebben genomen met de seksuele moraal. Zo iemand moet
nu bij een herpesaanval ineens gaan doen of die sterke verlangens
niet meer bestaan. Dat is een harde leerschool. Ik zie diverse
mannelijke patiënten langdurig ophouden met alle relaties,
omdat ze denken dat het niet meer màg van `hogerhand'. Daar
zitten elementen van straf en boete doen in. Iedereen compenseert
weer op de eigen manier, sommigen gaan drinken, anderen gaan
gokken of vreten. Als je op die manier 95 of 100 kilo wordt, maak
je jezelf uiteraard nòg minder aantrekkelijk. Dus is de cirkel
rond. Dagelijks herpes kan daar het gevolg van zijn. De emotionele
druk daarvan belast je immuniteitssysteem en dat voert
weer op leverenergie terug. Alcohol belast de leverfunctie
dan nòg meer, net als vet eten; zelfs koffie en chocola kunnen
dan gevaarlijk vergif betekenen voor een herpespatiënt.
De angst om iemand te besmetten vergroot het isolement. Ik
kan dan gelukkig troosten met voorbeelden, de talloze praktijkgevallen
die ik ken, waarbij de partner van een herpespatiënt het
nooit heeft gekregen. Zo'n positief verhaal kan wezenlijk opbeuren.
Ik heb een patiënt gekend die na de eerste aanval er nooit
meer een gekregen heeft, dat kan ook. Bouw je je auto-immuniteitssysteem
weer goed op, of laat je je teneerslaan?” Volgens Zakina
Steuns hebben leverproblemen doorgaans te maken met het onvoldoende
uiten van woede.
Zakina: “Iemand kan energetisch vreselijk gestagneerd
raken door niet `Nee' te durven zeggen. Dat gebeurt als je geen
agressie van je af kunt houden. Met andere woorden: iemand laat
zich slachtoffer worden. Van die neiging, van die handicap kan herpes
je bewust maken. Het kan je dwingen om dat onder ogen te zien en
om jezelf voortaan beter te verdedigen. Het kan ook zijn dat
iemand niet voor zijn wezenlijke behoeften uit durft te komen.
Normaal zou zijn om uit te huilen, om het uit te schreeuwen
of gewoon, om het even te vertellen, het kwijt te kunnen aan een
vertrouwenspersoon. Kwaadheid kan geheeld worden door verdriet.
Wie daar weer contact mee krijgt, komt meer in balans. Het is net
zo als bij een geïnspireerde schilder die geen kwast meer heeft.
Slaat die teleurstelling naar binnen, naar gevoelens van machteloosheid,
dan put je jezelf extra uit. In deze tijd zie ik veel tekortkomingen
in de lever- en nierfuncties, de `onderste warmer' zo noemen de
Chinezen dat. Of je je eigen levenswarmte goed blijft voeden in
je lichamelijke systeem heeft ook alles te maken met je manier
van ademhalen. Haal je diep adem in je buik? Of ben je een
type dat eerder hyperventileert? Zo'n korte, oppervlakkige hoge
borst-ademhaling maakt dat je het moeilijker zal vinden om te stáán
voor je dingen. Ik kijk ook naar wat voor type iemand is. Ik onderscheid
dat naar de vier astrologische elementen: vuur, water, aarde
en lucht. Vooral de eerste ligt onmiddellijk op zijn gezicht,
als hij herpes krijgt. Datgene waar je heel goed in bent, is tegelijkertijd
je zwakte. Vuur mòet zich uiten. Als dat gestoord wordt,
stort hun wereld in. Aardetypes kunnen een enorme fysieke kracht
hebben, maar juist daardoor in extremen gaan en hun lijf kapot werken.
Watertypes weten meestal de tegenslag wel binnen hun grote gevoelscapaciteit
op te vangen, die hebben wat meer weerstand. Luchttypes gaan
van nature doorgaans niet zo in extremen. Herpes is een soort instrument
dat er voor zorgt dat je niet in je extremen vervalt."Er wordt wel
gesteld dat het virus zich op de zwakste plaatsen op de huid manifesteert.
Zakina is vooral een psychisch verband opgevallen: "De plaats waar
je het krijgt, geeft een aanwijzing voor de ernst van je verdriet.
Alles wat aan de achterkant zit, heiligbeen, billen, dat noemen
wij yin, dat zit oppervlakkiger. Alles wat aan de voorkant
zit, de pubus en genitaliën, wat wij yang noemen,
dat zit dieper. Daar zit meer pijn, dat doet ook meer pijn. Wat
aan de achterkant zit, maakt je kwaad, de voorkant heeft met huilen
te maken. Dat moet je jezelf dus afvragen bij een aanval: Waar zou
ik eigenlijk kwaad om moeten zijn geweest? Waar had ik eigenlijk
om moeten huilen?"Inbreker "Je hebt met dit virus als het ware een
inbreker binnen. Als je hem ombrengt, heb je een lijk binnen. Je
kunt hem beter op een veilige plaats aan de praat houden. Nog beter
is om hem op te sluiten. Dat betekent dat je hem op zijn plek laat
in een aantal cellen en hem niet toestaat om door het hele huis,
dus door jouw hele zenuwstelsel, te gaan sluipen. Je lever moet
dan wel constant daarvoor in de weer kunnen zijn. Als die lever
door andere factoren tijdelijk uitgeput is, dan slaat de inbreker
zijn slag en spat naar buiten. Wie versnipperd leeft, wie steeds
verwarring toestaat, roept vaker aanvallen op. Acupunctuur
kan veel verlichten, maar de patiënt moet het vooral hebben
van eigen inzicht." Voor universiteitsmedewerker Jan (34)
is herpes vooral verbonden met niet `Nee' durven zeggen. "Dagen
met een herpesaanval zijn altijd periodes van bezinning
voor me," stelt hij. "Als ik in werksituaties over me heen laat
lopen, moet ik vaak dubbel betalen met blaasjes. Het vaakst krijg
ik echter herpes als een waarschuwing dat ik mij op het seksuele
terrein onvoldoende gehouden heb bij mijn eigen innerlijke
waarden en verlangens. Als ik dingen op relatiegebied
tegen mijn zin in doe, dan gaat het absoluut fout. Ik ben niet
zo'n ster in `nee' zeggen. Quasi vrolijk in bed gaan liggen
met mijn vriendin om zo feitelijk dieper liggende problemen
te maskeren, is zo'n foutje bijvoorbeeld. Fataal is om
te gaan vrijen omdat ik prestaties naar mijn vriendin denk te moeten
leveren of urenlang zogenaamd Tantrische ervaringen denk
te moeten creëren, dat is evenmin echt spiritueel. Of
het te laat doen, middenin de nacht bijvoorbeeld als ik
echt al ruim over mijn vermoeidheidsgrens ben heengegaan.
Als ik onvoldoende liefde voel, maar me laat inpakken door
mijn ordinaire geilheid bijvoorbeeld, dat kan verkeerd uitpakken,
maar ook andersom. Ik was eens behoorlijk verliefd,
tot ik plotseling doorhad dat dat meisje mij alleen voor haar
eenzame, wellustige avonden nodig had. Die afknapper bezorgde
me ook onmiddellijk een paar blaasjes. Ik schaam me niet voor
mijn eigen onbewuste gedrag, maar ik probeer er wel aan te
werken. Mijn herpes heeft altijd nut voor mij. Ik beschouw het virus
als een vriend die me behoedt voor uitwassen en voor het ondersneeuwen
van kwetsbare gevoelens. Ik ga beslist veel alerter om met
het onderzoek naar mijn motieven om iets niet of juist wel te doen.
Herpes is een soort stok achter de deur. Zonder de waarschuwing
van die stok laat ik me letterlijk en figuurlijk veel te makkelijk
naaien." Ineke is vooral gevoelig voor fel zonlicht: "In de
zomer hebben wel meer mensen er last van. Lang zonnebaden verlaagt
mijn weerstand en kan dus ook een aanval uitlokken. In de winter
kan ik bij vlagen overgevoelig zijn voor een te droge lucht van
de centrale verwarming." Andere patiënten zeggen dat de wrijving
van condooms onaangenaam is en later een aanval veroorzaakt. Jan:
"Te vurige dingen voedingsmiddelen (peper of sambal) kunnen dat
ook doen, maar ook tomaten, paprika, aubergine of aardappelen
wekken soms een aanval op. Chocola is evenzeer een beruchte boosdoener."
Teveel werk- of relatiestress is bekend als dominante oorzaak,
maar iedereen zal zijn of haar specifieke gevoeligheden moeten leren
ontdekken en de daarmee samenhangende oplossingen. Wat werkt
voor jou kan voor een ander geen enkel effect hebben. De een zweert
bij extra Vitamine C en gaat vasten, zodra hij een aanval voelt
dreigen. Geen vlees meer eten schijnt inderdaad te helpen.
De ander gelooft in gewoon meer douchen of in een bepaald middel,
zoals Zovirax-zalf of Propolis, een bijenkastenwasextract.
Ineke: "Eén van mijn vrienden heeft zelfs baat bij een
computerprogramma, dat zijn bio-ritme berekent in
combinatie met astrologisch voorspelbare moeilijke momenten. Op
`zwakke' dagen is hij extra voorzichtig en gedisciplineerd en dat
werkt goed." Over het besmettingsgevaar is zij vrij laconiek: "Als
je partner per ongeluk een plekje aanraakt of kapotwrijft,
dan is water en zeep goed genoeg om het virus weg te wassen. Zelf
kun je een plekje goed ontsmetten met ether, vloeibare Echinaforce
of waterstofperoxyde. Dat doodt tegelijk het virus dat
eventueel op je vingers komt."Technisch en praktisch gezien kun
je veel herpesongerief zinnig aanpakken. Toch dringt zich bij alle
verhalen steeds het idee op dat iemands geestelijke houding,
je inzicht en je angsten, bepalen of het lijf reageren zal met een
aanval. Dat troost eigenlijk. Je hebt het misschien toch wel in
eigen hand. Zoek hulp bij een geliefde of deskundige. Praat met
je huisarts. Zeuren en zelfbeklag maakt het zeker alleen maar erger!
PdH
terug
8. WERKEN MET FAMILIE
OPSTELLINGEN
(artikel in Onkruid 2001)
In de wereld van groepstherapie en reïncarnatietherapie is
het werken met familieopstellingen, de gezins-of
systeemtherapie, sterk in opkomst. De Duitse initiator Bert
Hellinger krijgt steeds meer navolging in Nederland. Peter den Haring
woonde een workshop van Eelco de Geus en Hanneke van der Wielen
bij. Ik was acht jaar toen ik aan tafel dè vergissing van
mijn jonge leven maakte door 'ouwehoer' tegen mijn moeder te
zeggen, een indrukwekkend woord vond ik, net opgepikt op de basisschool.
Mijn vader sloeg me alle treden van de trap op, met een rooie kop
schreeuwend: "Ik zal je afleren om je moeder een hoer te noemen!"
Wat hij bedoelde, bleef me lang onduidelijk, wel snapte ik
door dat onmatige pak slaag al vroeg dat er ergens een geheim in
de familie moest zitten. Ik begon er naar te vissen bij familieleden.
Was het haar tijdelijke relatie met zijn jongere broer toen hij
als dwangarbeider in Duitsland werkte? Of was er iets met hem en
een Russische vrouw in die kamptijd geweest? Of iets met dat
verhaal dat hij verliefd werd op een ander, toen mijn moeder al
drie kinderen van hem had? Ik heb lang gezocht naar informatie die
De Waarheid zou onthullen en tegelijk mijn gedragsproblemen
kon oplossen. Mijn vader ging dood op mijn twaalfde dus had
ik ook last van Oedipoedale neigingen naar mijn moeder
en van bindingsangst vanwege de vrees om opnieuw zonder
afscheid in de steek gelaten te worden. Ik kom uit een generatie
(1946) waar veel psychotherapeutische nieuwlichters hun
vaardigheden op konden uitproberen; ze hadden aan mij een willig
deelnemer. Tussen 1975 en 1992 maakte ik dus kennis met scala aan
groepstherapeutische technieken met namen als Encounter, Tantra
en Gestalt. Ik onderzocht mijn geest met Vipassana meditatie,
regressietherapie, astrologie en aura lezen. Er kwam Tarot
en I Tjing aan te pas en ik zat in zweethutten te communiceren
met mijn voorouders. Kwaad mochten we volop zijn. Ik moest
met de vuisten op kussens timmeren en dan vergeven en
loslaten. Weten, Begrijpen en Verlichting, daar ging
het mij en mijn medegroepsleden om in die jaren. Ik heb
gerouwd om mijn overleden ouders maar me in dat proces ook
heftig tegen hen afgezet. Heeft al die therapie definitief
geholpen? Had het simpeler gekund? Die vragen komen sterk
bij me op tijdens een workshop met systeemtherapie
van Bert Hellinger als ik meer duidelijkheid wil hebben over
het 'geheim' van mijn vader, over de mysterieuze andere vrouw(en)
in zijn leven en over zijn posthume invloed op mijn leven. Als probleemaangever/cliënt
heb ik willekeurig uit de mededeelnemers representanten
voor de betrokken partijen in mijn familieconflict mogen
kiezen. Marjolein wordt mijn moeder, Fred mijn vader, ik kies Ton
als degene die mijn rol op zich moet nemen. Linda is de Russin,
de hoer, de andere vrouw, de hoer. "Volg je innerlijke beweging,"
heeft de begeleidster gezegd. "Je neemt hen met beide handen
bij hun schouders en je stelt ze ruimtelijk in relatie tot
elkaar op." Veel heeft de therapeute niet aan me gevraagd van
te voren en dat is ook niet de bedoeling. Teveel feiten bemoeilijken
de intuïtieve waarneming alleen maar, zowel bij de therapeut
als bij de representanten. Om dezelfde reden mag de cliënt
tijdens de opstelling niet spreken, en mogen de representanten
de cliënt geen vragen stellen. Ik zet iedereen haaks op elkaar,
niemand kijkt elkaar aan. Fred en Ton staan met de rug naar elkaar.
Dan moet ik weer aan de kant gaan zitten. De representanten
laten het beeld doordringen en inwerken. Er wordt het
minimale gezegd en verklaard, een bijna woordeloos
drama. In andere opstellingen heb ik al gezien dat representanten
spontaan reageren met anders ademhalen, verstijven of trillen,
het hoofd buigen of zelfs gaan huilen. Ineens zie je mensen verliefd
of geïnteresseerd naar iemand kijken. Begeleidster Hanneke
van der Wielen bevraagt iedereen naar de sterkste, overheersende
emoties en de eerste, impulsieve neigingen.
"Ik voel me in een leegte, in een niemandsland," zegt mijn
'vader.' Mijn 'moeder' kijkt met een lege blik: "Ik ben zo eenzaam.'
Mijn alter ego Ton spreekt uit dat hij zich opgesplitst en versplinterd
voelt. Hanneke verplaatst en ondervraagt hen; onder haar gedecideerde
regie komt een soort toneelstuk op gang. Daarbij past ze Hellingers
drie regels van ordening (wetmatigheden) toe op deze
opstelling (zie het kader). Soms begrijp ik absoluut niet waarom
ze het proces bepaalde kanten uitstuurt, maar ik mag niet meer interveniëren,
behalve als van de feitelijkheden wordt afgeweken ("Nee,
mijn ouders waren al in 1943 getrouwd, voordat hij werd opgepakt").
Uiteindelijk ontstaat er een harmonieuze ontwikkeling tussen de
vier personen in het midden. Dan moet ik weer ruilen met Ton, die
tijdelijk mijn rol gespeeld heeft. Ik voel een lichte weerstand.
Is het vooringenomenheid omdat het theaterbeeld dat is
gecreëerd, me niet zo veel zegt? Ik probeer er toch in mee
te gaan. De therapeute geeft mij een witte krat met allerlei
spullen in handen en laat mij dat overhandigen aan iemand
die mijn vader representeert. Ik moet haar nazeggen:
"Ik geef je jouw last terug. Ik acht jou zoals je bent. Jij bent
de grote, ik ben de kleine. Ik acht jouw eigen lot, maar dat
moet je maar zelf vorm geven." Wat?! Heb ik heel lang de dingen
gedaan die hij niet heeft kunnen doen door zijn vroege dood?
Zijn lasten gedragen? Uit (journalistieke) gewoonte wil ik
direct gaan analyseren, erover praten, ik mis de toelichting
zoals ik ken van Psychodrama, ik wil al de symbolieken
duidelijk krijgen, maar ik word onmiddellijk afgekapt.
"Ho, ho. Het is niet nodig om het allemaal te benoemen.
Blijf bij je diepste, sterkste gevoelens, blijf afgestemd
op dit veld." MorfogenetischIs dit het morfogenetische veld van
Rupert Sheldrake, dat zelfs continenten overspannende telepathische
gebeuren dat maakt dat honden weten dat hun baasje nu in het vliegtuig
naar huis stapt? Worden de representanten werkelijk overgenomen
door een familieziel? In bepaalde families zijn er zeker belastende
invloeden over meerdere generaties heen zichtbaar
en voelbaar. Is er een gemeenschapsbewustzijn, een
collectief genetisch pakket dat een ordenend (en hopelijk helend)
programma uitvoert? Hoe ver gaat dat? Later zegt deelneemster
Wies: "Ik moest iemands moeder spelen en prompt viel er een afwijzende,
hooghartigheid als een kille muur om me heen. Ik
werd me daardoor bewust dat het niet meer dan een rol is, omdat
ik in de opstelling daarvoor totaal andere gevoelens
had ervaren. Zo'n rol kan je wel heel ver meenemen. Daarom is het
zo essentieel dat de trainer na de beëindiging van de
opstelling iedereen nadrukkelijk vraagt om uit die rol
te stappen." Eelco de Geus is trainer bij het Zwolse Instituut voor
systeemconstellaties. "Ik kijk of de participant geraakt wordt in
de ziel," zegt hij. "Of er een positieve beweging op gang komt.
Maar theorie komt er nauwelijks aan te pas. Er is wel een kader
maar geen vast model. We werken steeds met de effecten. Zodra experimenten
en verschijnselen regels lijken op te leveren, gaat het wezenlijke
idee achter de familie-opstellingen op de helling. Natuurlijk
wordt de probleemstelling van de aangever of aangeefster geregisseerd.
Aanvankelijk is dat onze focus, maar daar hoeft de het nooit
bij te blijven. Je gaat voorbij jezelf kijken, voorbij
aan wat je weet. Je geeft toe aan een grotere kracht die naar ordening
streeft."Mijn moeder zei me ooit dat zij door mijn vaders vroege
dood een veel bredere bepaalde maatschappelijke ontwikkeling
heeft kunnen krijgen. Volgens Hellinger doen bepaalde zielen dat
met opzet. Had ik ook voordeel van zijn dood? Maakte hij vroeg plaats
gemaakt voor mij? Om mij meer speelruimte te geven? Denk, denk,
denk. Ik moet ophouden met analyseren; in opstellingen van
anderen zie ik toch dat er allerlei zinnige, helende emoties boven
komen? Zo verbaast me de sterke rol van een vroegere verloofde
van Wies, die kennelijk het gedrag benvloedt van Wies' jonge
dochter. Met het verstand is dat nauwelijks te bevatten maar
energetisch vindt Wies het achteraf allemaal kloppen. "Ik heb je
niet genomen zoals je was. En dat spijt me werkelijk. Ik neem
de volle verantwoordelijkheid." Dat moet Wies tegen haar ex-partner
zeggen en hem dan voorstellen aan haar nieuwe gezin. De verloofde
kan dan rustig uit beeld vertrekken en Wies hevig ontroerd
achterlaten."Het is hier net de reparatiedienst," zegt deelnemer
René in de nabespreking. Jan Jacob Stam is één
van de eerste therapeuten, die in Nederland met familieopstellingen
is gaan werken. In een schitterend klein boekje met de titel Nederlandse
Wind, uitgegeven ter gelegenheid van de eerste conferentie
over systemisch werk, geeft hij talloze aansprekende voorbeelden.
Van de man die als jongen geopereerd is aan een klompvoet. De representant
van het weggehaalde deel en de representant van hemzelf ontwikkelen
een intens contact en de man zegt: "Er is ingegrepen in mijn lot.
Liever had ik die voet gehouden." Zou dat gevoel ook niet gelden
bij elke onvrijwillige penisbesnijding? Stam stelt ook dat er juist
een onbalans vergroot kan worden als je iemand vergeeft die je onrecht
heeft aangedaan. "Wanneer je iemand vergeeft, maakt dat de ander
eerder kleiner dan groter." De eenheid in de heilige familie als
de ultieme oplossing, het klinkt goed, maar ik twijfel. Ik heb zeker
op die middag echte tranen gehuild om het gemis van mijn vader,
dat is waar. Dat mijn vader sterk met mij mee heeft gekeken, invloed
gehad heeft in al mijn relaties, dat kan ook zo zijn. Maar Hellinger
lijkt tussen de regels door zo'n pleitbezorger van het ouderwetse,
monogame, gezegsgetrouwe gezin. Naweeën van wat katholiek,
traditioneel moralisme of is er invloed van zijn kennis van het
Afrikaanse stamverband, dat machtige collectieve bewustzijn,
dat op straffe van uitsluiting en verbanning zijn wil oplegt aan
elk individu? Hoe zit het met feministische emancipatoire bewegingen?
Met de zwarte schapen, met de trendsetters die tegen de spruitjeslucht
van hun familie in nieuwe wegen durfden te bewandelen? Families
hebben toch een neiging tot behoudzucht of ze nu door patriarchen
of matriarchen geleid worden? Is de familieopstelling een variant
van de Aziatische voorouderverering? Ik loop (vast geen toeval!)
diezelfde week tegen een kritische mevrouw aan. Kritiek Wilma heeft
vorig jaar in het kader van een therapeutische opleiding deelgenomen
aan een familieopstelling. Ze heeft er veel van geleerd maar ook
afstand genomen. "Ik wilde meer weten over de ongrijpbaarheid van
mijn familiesituatie. Mijn moeder heeft mij verstoten en sociaal
eigenlijk dood verklaard. Zij ontkende heel lang mijn passionele
aard, mogelijk omdat ze haar eigen passie vanwege haar
jeugdgebeurtenissen altijd ontkend heeft. Er moest ook
altijd gedacht worden vanuit de ander en dat is dodelijk voor je
gevoel van eigenwaarde. Op mijn vraag kreeg ik aanvankelijk een
heel tastbaar en levendig antwoord. Het was alsof ik landde, toen
de beelden die altijd bij me geweest waren, ineens uitvergroot en
verlevendigd werden. Van mijn overgrootvader en grootvader werd
altijd gezegd dat het mannen waren 'die van vrouwen hielden.' En
dat mocht ook rustig uitgesproken worden. Maar omgekeerd werden
vergelijkbare verlangens van mijn oma en moeder direkt toegedekt.
Taboe. Tussen mijn 'opa' en mijn 'moeder' in de opstelling ontwikkelde
zich snel een ongeneerde erotische dynamiek, shockerend voor
alle partijen. Ik wist ineens hoe ik op mijn beurt uit de vrouwenlijn
van de familie was gevallen. Het kwam tegelijkertijd bij me op dat
mijn moeder gezien heeft hoe mijn oma ten onder ging aan zulke heftige
gevoelens en dat zij door zichzelf in te perken, geprobeerd
heeft om mij te beschermen tegen de nadelige gevolgen van zo'n
grote maar ook onhandelbare en misschien vernietigende hartstocht.
Zo zag ik mezelf dan jaren rondlopen zonder make up, alleen maar
sportief gekleed, het keurige masker. De familieopstelling heeft
dat overlevingsmechanisme wel zichtbaar gemaakt, maar me ook naderhand
verward. Dat ontstond door de protestantschristelijke beelden rond
het gebod 'Eert uw vader en uw moeder' die mij met de paplepel zijn
ingegoten. Mijn vroegere depressies hadden nu juist veel te maken
met onderdrukt verzet tegen de schijnheiligheid en de seksueel onderdrukkende
normen van mijn ouders. Ik had grote moeite om mijn eigen woede
te accepteren als een schaduw van mijn zogenaamd grote verdraagzaamheid.
Doordat ik indertijd in die familieopstelling opnieuw vooral mijn
respect en begrip voor mijn ouders moest neerzetten, ging dat
even authentieke meisjesverzet weer lang in de kast. De trainer
heeft dat stuk voor mijn gevoel toen niet afgemaakt, omdat men misschien
moeite had met het integreren van die seksuele onderlaag. Het
systeem is voor mijn gevoel prachtig omdat het de betrokkenen
in de groep op dat moment een grote steun in de rug geeft, maar
bij een misser wordt je oorspronkelijke trauma en je kwetsbaarheid
achteraf versterkt geactiveerd. Daarom is dit systeem, misschien
meer dan andere therapiesoorten, verraderlijk afhankelijk van de
intuïtieve kwaliteiten van de begeleiders."
Eelco de Geus om commentaar gevraagd: "Het komt veel voor dat cliënten
hun familie als een beperkende moraliteit ervaren. Maar je vloeit
psychisch en fysiek uit hen voort. Wie het eerst komt, die geeft
het leven door. Dat leven van de ouders aan kunnen nemen geeft kracht.
Je kunt echter in de positie van het zwarte schaap blijven. Als
je je boven degene stelt die leidt, als je in blijft gaan tegen
de natuurlijke levensstroom, tegen de impliciete ordening die van
je vraagt dat je je ouders aanneemt, dan duurt de verstrikking voort.
Dat onbewuste verzet betekent dan automatisch lijden."
KADER
In de wereld van NLP en hypnotherapie is het werken met familieopstellingen
sterk in opkomst. Initiator Hellinger is een 76-jarige Duitser,
voormalig katholiek missionaris onder de Zoeloe's in Zuidwest-Afrika.
Zijn basis werd gevormd door studies filosofie, theologie en
pedagogiek. Later werd hij psychoanalyticus. De 'ultieme Empiricist'
zegt de achterflap van zijn nieuwste boek (De verborgen dynamiek
van familiebanden. Hellinger beschouwt de familie als een lotsverbonden
gemeenschap, waarvan de leden onbewust en incidenteel ook bewust
elkaars lasten kunnen gaan dragen. Zulke verstrikkingen kunnen in
een intuïtieve spelvorm ontward worden. Daarbij worden drie
basisregels gehanteerd.
Regel 1 hebben de levenden en de doden allemaal recht op een eigen
plaats. Als er iemand geen plaats heeft, verwaarloosd is of tekort
gedaan, dan gaat vaak een jonger persoon het onafgemaakte leven
van dat verwaarloosde familielid leven. Goedmaken of afmaken.
Regel 2 stelt dat er een rangorde is. Wie eerder was, heeft voorrang
ten opzichte van degene die later komen. De oudere, de volwassene
is groter dan het kind. De oudere heeft een eigen opdracht, het
kind is maar het kind. Het hoeft geen lasten van de ouder te dragen.
Omgekeerd is het onjuist als kinderen boven hun ouders proberen
te gaan staan, zonder die ouder correct te erkennen in zijn of haar
archetypische rol. Een dochter op de plaats van haar moeder ten
opzichte van de vader, een zoon op de plaats van zijn vader ten
opzichte van de moeder, dat zijn conflicten die tegen de natuurlijke
ordening, tegen de stroom in gaan.
Regel 3 bepaalt dat er een balans moet zijn tussen geven en nemen.
Kinderen die uit een soort blinde liefde of loyaliteit problemen
van hun ouders proberen op te lossen, raken eenzijdig verstrikt
in een onbalans. Die balans houdt zich niet aan de tijd en springt
soms een generatie over. Zo kun je wonderlijke offers op het spoor
komen. Een onschuldig kind is bereid te boeten voor een niet ingeloste
schuld van een ouder of grootouder. Of een dochter vertegenwoordigt
de vroegere vrouw van haar vader en gedraagt zich als partner tegenover
de vader en als rivaal tegenover de moeder. Als de vroegere vrouw
van vader onrecht is aangedaan, dan toont de dochter tegenover de
ouders de gevoelens van deze vrouw.
In dit onzichtbare familieweb wordt zowel steun als beperking ervaren.
Kinderen zijn bereid liever te verdwijnen en onzichtbaar te worden
dan dat één van hun ouders verdwijnt. Dan kan een
kind verlangen om een vroeg gestorven ouder in de dood te volgen,
een ouder of grootouder een gestorven kind of kleinkind
en de partner zijn overleden geliefde. Er zou in elke familie over
de generaties heen een behoefte aan evenwicht tussen winst en verlies
bestaan. Degenen die winst hebben geboekt ten koste van anderen
betalen daarvoor met een verlies, waarmee ze het evenwicht
herstellen. Als zij daders waren, betalen ze meestal niet zelf,
maar degenen die na hen komen. Hellinger verwijst naar het vaak
zware leven van kinderen van oorlogsmisdadigers en criminelen, maar
ook naar de kinderen van zeer rijke mensen, die veel moeite hebben
om juist om te gaan met die ontremmende overvloed. Alle
personen door wiens ongeluk of dood de familie voordeel heeft gehad,
maar ook de slachtoffers van geweld of moord door vroegere familieleden
hebben hun juiste plek en erkenning nodig. Zulke slachtoffers moeten
door alle familieleden in de ogen gekeken en geëerd worden.
Ieder moet voor hen buigen en om ze rouwen. Daarna moeten de oorspronkelijke
overwinnaars en daders zich bij de slachtoffers voegen en de overige
familieleden moeten hen daar laten. as dan zijn de nakomelingen
vrij van het verleden.
terug
|
|